krijgen

werkw.
Uitspraak:  [ˈkrɛixə(n)]
Vervoegingen:  kreeg (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gekregen (volt.deelw.)

1) zonder betaling ontvangen
Voorbeelden:  `cadeautjes krijgen`,
`een kind krijgen`,
`een goed idee krijgen`
Antoniem:  geven

2) in genoemde situatie komen of brengen
Voorbeelden:  `het koud krijgen`,
`iemand boos krijgen`
voor elkaar krijgen  ((iets) met succes regelen)
Wat zullen we nou krijgen?  (<je zegt dit als je verbaasd en boos bent>)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
cadeau krijgen in ontvangst nemen ontvangen opstrijken

Spreekwoorden en zegswijzen
• zijn verdiende loon krijgen (=krijgen wat hem toekomt (meestal iets slecht))
• zijn trekken thuis krijgen (=door anderen op dezelfde manier behandeld worden als je hun behandelde (bv met een streek))
• zijn beslag krijgen (=definitief ten einde lopen , beslist worden)
• vat op iemand krijgen (=iemand van iets kunnen overtuigen)
• vaste voet aan de grond krijgen (=iets gedaan krijgen en/of als gebruikelijk beschouwd gaan worden)
Toon alle 54 spreekwoorden die krijgen bevatten

Taaladvies
  1. (ik heb van hem een boek -) Kan Ik heb van hem een boek gehad in dezelfde betekenis worden gebruikt als Ik heb van hem een boek gekregen? Zie Gehad / gekregen
  2. Wat is juist: `Ik heb een cd gekregen voor mijn verjaardag` of `Ik heb een cd gehad voor mijn verjaardag`? Zie Gekregen / gehad


3 definities op Encyclo
  • • [ov] verwerven, ontvangen. • [ov] een ziekte oplopen. • [auxl] maakt met behulp van een meewerkend voorwerp een ;Werkwoord •Dubbele overgankelijkheid
  • in het bezit ervan komen vb: ik kreeg een fiets van Johan slaap krijgen [slaperig worden] ik krijg hem nog wel! [ik zal wraak nemen] er erg in krijgen [begrijpen hoe het ...
  • verwerven Jaar van herkomst: 1265-1270 (CG Lut.K )
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op krijgen:
    afkrijgenbinnenkrijgendoorkrijgenherkrijgenloskrijgenmeekrijgenterugkrijgenverkrijgen

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    krijgen (verwerven, pakken)