• zijn haan moet altijd koning kraaien (=hij wil altijd de baas zijn) • waar aas is vliegen kraaien (=als er iets te halen valt staat iedereen vooraan) • vroeger, toen kraaiden de hanen nog. Tegenwoordig gapen ze alleen nog maar, zei de dove (=veranderingen in een situatie zijn vaak niet feitelijk, maar een subjectieve beleving) • vechten dat de kraaien om de brokken komen (=hevig vechten) • kraak nog smaak hebben (=het is niet heel smakelijk) Toon alle 28 spreekwoorden die kraa bevatten