Synoniemen
gevaarte joek joekel kanjer knaap knoert kokkerd loei

kokker als dialectwoord
hoofd (Nijmeegs)  

3 definities op Encyclo
  • 1) Neus 2) Loei 3) Knaap 4) Kanjer 5) Gevaarte 6) Kokkerd 7) Grote neus 8) Knoert 9) Joekel
  • iets groots, grote neus (toon de herkomst via de etymologiebank)
  • Spreekwoorden: (1914) Een kokker(d), Hiermede duidt men iets aan, dat groot in zijn soort is; bijv. een kokkerd van een neus1), van een appel, enz.; fri. in kokkert fen in bern (kind), in apel (appel), wat men in de Zaanstreek een bommerd noemt (Boekenogen, 90) en ook wel een bakbeest (zie n<sup>o<-s...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kokker:
kokkerdkokkerellenkokkeren

Deze woorden eindigen op kokker:
Bangkokker

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kokker (iets groots, grote neus)

Op andere websites
Zoek kokker in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek kokker op Google
Zoek kokker op Woordenlijst.org
Zoek kokker in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek kokker op Wikipedia