de knip

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [knɪp]
Verbuigingen:  knip|pen (meerv.)

1) slot dat je met een schuif open en dicht doet
Voorbeeld:  `de knip op de deur doen`
Synoniem:  grendel

2) portemonnee
je hand op de knip houden  (zuinig zijn)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
beurs deurknip grend grendel knipslot knipsluiting portefeuil portemonnaie portemonnee schaarsnede schuif sluitinrichting voor deur of raa

Spreekwoorden en zegswijzen
• geen knip voor de neus waard zijn (=zijn vak niet kennen en er geen verstand van hebben)
• de hand op de knip houden. (=zuinig zijn.)
• beurs op de knip / Hand op de knip (=geen geld (meer) uitgeven.)
Naar de spreekwoorden

11 definities op Encyclo
  1. Knipklei.
  2. knipleuver.
  3. waar je je geld in bewaart vb: heb jij nog wat in je knip? de hand op de knip houden [niet te veel geld uitgeven]
  4. Spreekwoorden: (1914) Geen knip (voor den (of zijn) neus) waard d.w.z. hoegenaamd niets waard, van zeer weinig beteekenis. Reeds in het Grieksch bij Athenaeus: οὐ...
  5. Het punt waarop het net van de netbeheerder is verbroken om een fysieke verbinding van de installatie van de afnemer met dat net tot stand te brengen.
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met knip:
knip aanknip afknip bijknip gelijkknip kaalknip uitknip-en-plakwerkknipbeurtknipkaartknipogenknipoogknipoogdeknipoogdenknipoogtknippaknippenknipperknipperbolknipperbollenknipperde
Toon alle woorden die beginnen met knip

Deze woorden eindigen op knip:
chipknipverknip
Toon alle woorden die eindigen op knip

Herkomst volgens etymologiebank.nl
knip (grendeltje, portemonnee)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `knip` kennen.