de knak

zelfst.naamw. (m.)
Verbuigingen:  knakken
Verbuigingen:  knakje

1) kort, droog geluid van iets dat breekt (knakt)

2) breuk, waarbij de delen blijven samenhangen

3) beschadiging, schade

4) sigaar met een knik erin en een spitse punt, bolknak


Bron: WikiWoordenboek.

Synoniemen
barst breuk haag knik kreupelhout scheur

3 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-ken), breuk, scheur, deuk; de vaas heeft een -; er is een - in mijnen hoed; figuurlijk schade, nadeel, vermindering; zijn vermog...
  2. tussenwerpsel: nabootsing van geluid Jaar van herkomst: 1646 (WNT )
  3. 1) Barst 2) Breuk 3) Deuk 4) Droog geluid 5) Gedeeltelijke breuk 6) Haag 7) Indeuk 8) Knauw 9) Knik 10) Kort droog geluid 11) Kort en droog geluid 12) Kort geluid 13) Kor...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met knak:
knakenknakkenknakkerknakkersknaktknakteknaktenknakworstknakworsten

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. knak (gekrenkt)
  2. knak (geluid)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 97% van de Nederlanders en 91% van de Vlamingen het woord `knak`.