de kluis

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [klœys]
Verbuigingen:  kluizen (meerv.)

metalen kast met een stevig slot om kostbare dingen in te bewaren
Voorbeelden:  `geld en sieraden in de kluis van de bank laten bewaren`,
`In de kast van de hotelkamer is een kluisje voor uw kostbaarheden.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bewaarkluis brandkast safe

Spreekwoorden en zegswijzen
• in geen kerk of kluis komen (=niet godsdienstig zijn)
Naar de spreekwoorden

14 definities op Encyclo
  1. 1> kleine opening in de scheepswand. Gerelateerde termen: ankerkluisgat, draadkluis, kabelkluis, kluisbaard, touwkluis, verhaalkluis, verschansingkluis, enz. 2> verkortin...
  2. Eerste vorm van monnikendom, waarbij individuen zich afzonderden in ´de woestijn´ om daar te leven. Tegenwoordig staat het ook voor een klooster van broeders of zusters...
  3. Let op: Spelling van 1858 de cel van eenen monnik in een klooster. Kluizenaar, bewoner eener kluis.
  4. Brand- en eventueel inbraakvrij betreedbaar vertrek, voor de veilige opslag van: ·zaken van waarde ·gevaarlijke stoffen ·onvervangbare zaken Rubriek(en): Bouwkunde
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: v. (...zen), stulp, enge woning; cel; (in de bouwkunst.) verwulfsel. ~BANDEN, m. mv. (zeew.). ~GAT, o. (-en), (zeew.) opening waardoor ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kluis:
kluisdekluisdenkluistkluisterkluisterdekluisterdenkluisterskluistert

Deze woorden eindigen op kluis:
bankkluisoverkluisfietskluis

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kluis (afgesloten bergruimte)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 98% van de Vlamingen het woord `kluis`.