kapotmaken

werkw.
Uitspraak:  [ka'pɔtmakə(n)]
Vervoegingen:  maakte kapot (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft kapotgemaakt (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

ervoor zorgen dat iets kapot gaat
Voorbeelden:  `speelgoed van een ander kind kapotmaken`,
`Voor relatiebemiddeling is het te laat; er is teveel kapotgemaakt in hun relatie.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
moeren mollen nekken vernielen

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Beschadigen 2) Moeren 3) Mollen 4) Nekken 5) Stukbreken 6) Stukmaken 7) Vernielen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 95% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `kapotmaken`.