de kapitein

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [kapiˈtɛin]
Verbuigingen:  kapitein|s (meerv.)

1) baas op een schip
Voorbeeld:  `sleepbootkapitein`
Synoniem:  gezagvoerder

2) bepaalde rang in het leger defensie
Voorbeeld:  `bevorderd worden tot kapitein`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aanvoer aanvoerder bevelhebber commandant scheepsgezagvoerder scheepskapitein schipper

Spreekwoorden en zegswijzen
• geen twee kapiteins op één schip. (=er moet maar één persoon de leiding hebben, anders gaat het niet goed.)
Naar de spreekwoorden

16 definities op Encyclo
  1. degene, die aan boord de uiteindelijke verantwoording draagt. [U>] EEN BRUTALE SCHIPPER: een schipper, die wat durft te wagen. EEN ECHTE SCHIPPER: sinds het verschijnen v...
  2. baas op een schip vb: de kapitein besloot dat we de haven zouden binnenvaren er kunnen geen twee kapiteins op een schip zijn [er kan er maar één de baas zijn]
  3. ambtenaar, belast met het landbestuur tijdens afwezigheid van de graaf, ook drost, mamboor, seneschalk genoemd
  4. Let op: Spelling van 1858 de aanvoerder of hoofdman van eene kompagnie militairen enz.; ook de gezagvoerder van een schip
  5. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. (-s, -en), hoofdman, [oudtijds] ) hopman (bij de landmagt); scheepsgezaghebber; bevelvoerder; -generaal en admiraal, [oudtijds] ) ti...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met kapitein:
kapiteinenkapiteins

Deze woorden eindigen op kapitein:
zeekapitein

Herkomst volgens etymologiebank.nl
kapitein (hoofdman, bevelhebber, gezagvoerder)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `kapitein` kennen.