jolig

bijv.naamw.
Uitspraak:  ['joləx]

heel vrolijk
Voorbeelden:  `in een jolige bui zijn`,
`een bus vol jolige vrouwen`
Synoniem:  uitgelaten

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
blijmoedig dartel fideel fleurig geestig kleurig kwiek levendig lustig monter opgeruimd opgetogen opgewekt uitgelaten vrolijk wakker welgemoed zonnig

3 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] (-er, -st), prettig, opgeruimd (van jonge lieden). ~HEID, v. [geen meervoud] pret, losheid, uitgelatenheid.
  2. 1) Blij 2) Blijmoedig 3) Dartel 4) Fideel 5) Giocoso 6) Goed 7) Goedgemutst 8) Kwiek 9) Leutig 10) Levendig 11) Lustig 12) Monter 13) Opgetogen 14) Opgewekt 15) Prettig 1...
  3. vol vrolijkheid Jaar van herkomst: 1784 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met jolig:
joligheid

Herkomst volgens etymologiebank.nl
jolig (vrolijk, plezierig)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 91% van de Vlamingen het woord `jolig`.