de inspecteur

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [ɪnspɛkˈtør]
Verbuigingen:  inspecteur|s (meerv.)

de inspec|trice

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [ɪnspɛkˈ|trisə]
Verbuigingen:  inspectrice|s (meerv.)

iemand die als beroep controles uitvoert
Voorbeeld:  `belastinginspecteur`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
bezoeker controleur gast

11 definities op Encyclo
  1. iemand die voor zijn beroep zaken onderzoekt vb: hij is inspecteur van politie
  2. De voor het toezicht aangewezen ambtenaar.
  3. [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Inspecteur``] 1o. Een generaal of hoofdofficier, die aan het hoofd eener inspectie geplaatst is. Bij ons te lande heeft men inspect...
  4. 1) Ambtenaar 2) Ambternaar van de belastingen 3) Belastingambtenaar 4) Beroep 5) Bezoeker 6) Controlerend ambtenaar 7) Controleur 8) Gast 9) Keurder 10) Keurmeester 11) O...
  5. financiële zaken, overheid - toezichthouder. Bijv. de ~ die inzake rijksbelastingen bevoegd is…
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met inspecteur:
inspecteurs

Deze woorden eindigen op inspecteur:
hoofdinspecteurschoolinspecteur

Herkomst volgens etymologiebank.nl
inspecteur (opziener)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `inspecteur` kennen.