getrouw

bijv.naamw.
Uitspraak:  [xə'trɑu]

1) als iets goed overeenkomt met het origineel of de werkelijkheid
Voorbeeld:  `Een wereldbol is een getrouwe weergave van de aarde.`

2) als je je houdt aan wat je ooit afgesproken hebt of als vaste gewoonte hebt aangenomen ouderwets
Voorbeelden:  `je principes getrouw blijven`,
`Ik zweer dat ik de plichten die mijn ambt mij oplegt getrouw zal vervullen.`
Synoniem:  trouw

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
letterlijk loyaal trouw

Intensiveringen
Hoe kun je getrouw krachtiger uitdrukken?
getrouw tot (in) de dood;

2 definities op Encyclo
  1. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] (-er, -st), volkomen met de waarheid overeenkomende; opregt, eerlijk; aan onze lieven en -en, [oudtijds] ) met...
  2. 1) Betrouwbaar 2) Eerlijk 3) Letterlijk 4) Loyaal 5) Nauwgezet 6) Onveranderlijk 7) Toegedaan 8) Toegewijd 9) Trouw 10) Zich stipt aan iets houdend 11) Zijn woord houdend...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met getrouw:
getrouwdgetrouwheid

Deze woorden eindigen op getrouw:
gezagsgetrouwplichtsgetrouwtekstgetrouwwaarheidsgetrouw

Herkomst volgens etymologiebank.nl
getrouw

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 96% van de Vlamingen het woord `getrouw`.