I het fris

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [frɪs]

frisdrank
Voorbeelden:  `Wat zal ik voor je inschenken, alcohol of fris?`,
`een glaasje fris`


II fris

bijv.naamw.
Uitspraak:  [fɪis]

1) beetje koud
Voorbeelden:  `Het is hier een beetje fris, wil je het raam sluiten?`,
`een fris briesje`
Antoniem:  warm
Synoniem:  koel

2) energiek
Voorbeeld:  `Na dat middagdutje ben ik weer helemaal fit en fris.`
Antoniem:  vermoeid
Synoniem:  fit
met frisse moed  (met nieuwe energie)
met een frisse blik  (onbevangen) `Een externe adviseur kijkt vaak met een frisse blik naar de problemen.`

3) helder en schoon
Voorbeeld:  `fris gewassen overhemden`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
Apart eigenaardig fit frisdrank frisjes hygiënisch joviaal koel luchtig nieuw onbevangen Origineel verfrissend winderig zuiver bedompt (antoniem)muf (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
• zo fris als een hoentje (=heel fris, nog erg jong)
fris gewaagd is half gewonnen (=de moedigste heeft de meeste kansen om iets te winnen)
• bezoek en vis blijven drie dagen fris (=je moet geen gasten te lang laten logeren want dan ga je je aan hun gewoonten ergeren)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je met fris een ander begrip versterken?
frisse tegenzin
Hoe kun je fris krachtiger uitdrukken?
fris als een bries; fris als een hoentje; fris als een vis; lentefris
Uitdrukkingen die fris betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
als de lente;

9 definities op Encyclo
  1. de wijn bezit aangename zuren wat in de mond een fris gevoel geeft. Meestal ook een sappige wijn. Vergelijk vermoeiend FR: fraîcheur
  2. jong en levendig ; heeft vooral betrekking op een prettige zuurheid.
  3. wat koud aanvoelt vb: er stond een frisse wind Synoniemen: koel kil Tegenstelling: warm zonder stof, viezigheid of vlekken vb: een fris gewassen handdoek een frisse adem ...
  4. drankje zonder alcohol vb: wil je ook een glaasje fris?
  5. •zojuist schoongemaakt, prettig ruikend. •"ironisch": weinig te vertrouwen •"~ weer": aan de koude kant •"~drank": een koele drank, meestal met koolzuurbelletjes ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met fris:
fris opfrisbeefrisbeedefrisbeedenfrisbeeënfrisbeetfrisdrankfrisdrankenfriseerfriseerdefriseerdenfriseertfriserenfriseurfrisheidfrisicusfrisismefrisismenfrisistfriste
Toon alle woorden die beginnen met fris

Deze woorden eindigen op fris:
onfrisverfris
Toon alle woorden die eindigen op fris

Herkomst volgens etymologiebank.nl
fris (zonder sporen van verval of bederf; koel)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `fris` kennen.