fair

bijv.naamw.
Uitspraak:  [fɛ:r]

eerlijk
Voorbeeld:  `Het is niet fair om alleen de mensen die via internet kaartjes hebben besteld hun geld terug te geven.`
Synoniem:  sportief
fair play  (eerlijk spel)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
billijk eerlijk rechtvaardig ridderlijk sportief

4 definities op Encyclo
  1. Nederlandsche handelswoorden uit het Engels (1914): billijk, oprecht.
  2. volgens het idee dat iedereen evenveel (kansen) moet krijgen vb: ik vind dat hij je niet fair heeft behandeld Synoniemen: eerlijk rechtvaardig billijk juist
  3. 1) Behoorlijk 2) Betrouwbaar 3) Billijk 4) Correct 5) Eerlijk 6) Eerlijk spel 7) Fatsoenlijk 8) Geschikt 9) Goed 10) Integer 11) Jaarmarkt 12) Juist 13) Keurig 14) Naar e...
  4. eerlijk Jaar van herkomst: 1887 (WNT unfair )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met fair:
fairshopfairshopefairshoppenfairshopt

Herkomst volgens etymologiebank.nl
fair (eerlijk, sportief)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 97% van de Nederlanders en 97% van de Vlamingen het woord `fair`.