sportief

bijv.naamw.
Uitspraak:  [spɔrˈtif]

1) als iets met sport te maken heeft
Voorbeelden:  `sportieve prestaties`,
`In het resort is ook op sportief gebied van alles mogelijk.`

2) als je vaak aan sport doet
Voorbeeld:  `sportief type, niet-roker`

3) als je niet boos wordt als je verliest of in een slechte positie bent
Voorbeeld:  `sportief reageren als iemand zegt dat je iets verkeerd gedaan hebt`
Antoniem:  onsportief
Synoniem:  fair

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
fair onsportief sloom (antoniem)stijlloos (antoniem)

3 definities op Encyclo
  1. wie zich voor zijn plezier lichamelijk inspant vb: Jan is erg sportief: hij voetbalt en hij tennist wie goed tegen zijn verlies kan vb: het is sportief om de winnaar na a...
  2. •een ruime plaats inruimend voor het bedrijven van sport. •bereid een tegenstander fair te behandelen. •tweede betekenisomschrijving.
  3. 1) Eerlijk 2) Fair 3) Kwiek 4) Onsportief 5) Ruiterlijk 6) Sportliefhebbend
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op sportief:
onsportief

Herkomst volgens etymologiebank.nl
sportief

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `sportief` kennen.