curlen

werkw.
Afbreekpatroon:  'cur - len
Herkomst:  «Engels
Vervoegingen:  curlde (verl.tijd )
Vervoegingen:  gecurld (volt.deelw.)

de olympische sport curlen beoefenen sport
Voorbeeld:  `een belangrijk onderdeel van het curlen is het vegen`
Synoniem:  soort sjoelen op het ijs