de cassette

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [kɑˈsɛtə]
Verbuigingen:  cassette|n, cassette|s (meerv.)

1) doos of koffertje
Voorbeeld:  `een cassette met geld en sieraden`

2) doosje met geluidsband die je kunt afspelen
Voorbeeld:  `Cassettes zijn bijna niet meer te koop.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
cassetteband cassettebandje doos

14 definities op Encyclo
  1. kist of koffertje vb: het bruidspaar kreeg een cassette met bestek houder met band met geluid en-of beeld vb: op deze cassette staat de toespraak van de koningin
  2. zie caisson.
  3. 1. Een klein kistje of (sier)doosje 2. Een verdiept liggend vlak van een plafond of gewelf. Een plafond met dergelijke panelen heet een cassetteplafond. 21-72: Interieu...
  4. Een verdiept rechthoekig vlak, meestal in een plafond of gewelf. In de klassieke tijd van steen, in de Renaissance van hout.
  5. Let op: Spelling van 1858 Ital., een kastje, geldkastje
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met cassette:
cassettencassetterecordercassettescassettespeler

Deze woorden eindigen op cassette:
bestekcassetteaudiocassette

Herkomst volgens etymologiebank.nl
cassette (doos, kastje; houder voor geluidsband of film)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `cassette`.