de broer

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [brur]
Verbuigingen:  broer|s (meerv.)

een jongen of man met dezelfde vader en moeder als jij
ergens een broertje dood aan hebben  (iets erg vervelend vinden)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
broe broeder

Spreekwoorden en zegswijzen
• het is zusje en broertje (=het is zo ongeveer hetzelfde)
• ergens een broertje aan dood hebben (=ergens een hekel aan hebben)
• een broertje dood hebben aan (=er een grondige hekel aan hebben)
• aan iets een broertje dood hebben (=ergens een grote hekel aan hebben)
Naar de spreekwoorden

5 definities op Encyclo
  1. jongen of man met dezelfde ouders als jij vb: ik heb twee broers en een zus ik heb een broertje dood aan werken [dat doe ik niet graag]
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: m. zie BROEDER.
  3. • [familie] een mannelijk kind van dezelfde ouders.
  4. 1) Bloedverwant 2) Broeder 3) Deel van een familie 4) Familielid 5) Gezinslid 6) Nauwe familierelatie 7) Verwantschapsnaam
  5. Een broer of broeder is een mannelijk familielid, waarbij de verwantschap is ontstaan door het hebben van een gemeenschappelijke moeder en vader. Broers die slechts éé...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met broer:
broers

Deze woorden eindigen op broer:
halfbroerschoonbroerstiefbroerachterschoonbroer

Herkomst volgens etymologiebank.nl
broer = broeder

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `broer` kennen.