bezeren

werkw.
Uitspraak:  [bəˈzerə(n)]
Vervoegingen:  bezeerde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft bezeerd (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

pijn doen
Voorbeelden:  `zich aan de tafelpunt bezeren`,
`zijn knie bezeren`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
blesseren kwetsen schaden verwonden

4 definities op Encyclo
  1. zeer doen Jaar van herkomst: 1480 (MNW )
  2. pijn doen vb: Jaap heeft zijn hand bezeerd
  3. •"zich ~": zich pijn doen (+audio)
  4. 1) Blesseren 2) Kwetsen 3) Pijn doen 4) Pijnlijk verwonden 5) Schade berokkenen 6) Schaden 7) Verwonden 8) Zich licht maar pijnlijk verwonden
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
bezeren (pijn doen)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `bezeren`.