betamelijk

bijv.naamw.
Uitspraak:  [bə'tamələk]

zoals het hoort
Voorbeelden:  `Hoe moet je betamelijk zoenen: twee of drie keer?`,
`Wie bepaalt wat betamelijk is?`,
`ervoor zorgen dat iets betamelijk blijft`
Antoniem:  onbetamelijk
Synoniemen:  netjes, behoorlijk

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
behoorlijk decent eerbaar fatsoenlijk gepast netjes welgevoeglijk welvoeglijk zedig

5 definities op Encyclo
  1. gepast Jaar van herkomst: 1296 (CG I4, 2279 )
  2. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [bijvoegelijk naamwoord] en [bijwoord] (-er, -st), voegzaam, gepast, passend. ~HEID, v. [geen meervoud] *...TAMEN, [onpersoonlijk wer...
  3. voegzaam, gepast, passend
  4. •fatsoenlijk.
  5. 1) Behoorlijk 2) Billijk 3) Decent 4) Eerbaar 5) Eerlijk 6) Fatsoen 7) Fatsoenlijk 8) Gepast 9) Gevoeglijk 10) Goed 11) Goedschiks 12) In vrij grote mate 13) Juist 14) Ke...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met betamelijk:
betamelijkheid

Deze woorden eindigen op betamelijk:
onbetamelijk

Herkomst volgens etymologiebank.nl
betamelijk (gepast)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 96% van de Nederlanders en 89% van de Vlamingen het woord `betamelijk`.