afwachten

werkw.
Uitspraak:  ɑfwɑxtə(n)]
Vervoegingen:  wachtte af (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft afgewacht (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

op iets wachten of wachten tot iets gebeurt
Voorbeelden:  `We wachten op het ontmoetingspunt je komst af.`,
`afwachten of iets een succes wordt`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aankijken wachten anticiperen (antoniem)

Spreekwoorden en zegswijzen
• de bui afwachten (=rustig afwachten wat voor onheil er komt)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Uitdrukkingen die afwachten betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
de kat uit de boom kijken; je adem inhouden;

3 definities op Encyclo
  1. wachten tot het gebeurt vb: Kees wachtte af wat Jan zou doen
  2. • [ov] wachten op wat er gaat gebeuren.
  3. 1) Aankijken 2) Afzien 3) Inzien 4) Tegemoetzien 5) Verbeiden 6) Wachten 7) Wachten op komende gebeurtenissen
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `afwachten`.