aantrekken

werkw.
Uitspraak:  antrɛkə(n)]
Vervoegingen:  trok aan (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft aangetrokken (volt.deelw.)

1) aan je lichaam doen
Voorbeeld:  `je sokken aantrekken`
Antoniem:  uittrekken
Synoniem:  aandoen

2) naar je toe halen
Voorbeeld:  `Hoge bomen trekken de bliksem aan.`
personeel aantrekken  (personeel proberen te krijgen) Synoniem: werven

3) (een touw o.i.d) strakker maken
Voorbeeld:  `een touw stevig aantrekken zodat alles goed vastzit`
Synoniem:  aanhalen

4) zo zijn dat je het leuk of aangenaam vindt
Voorbeeld:  `Die muziek trekt me helemaal niet aan.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aanbrengen aandoen aankleden aanlokken aannemen adverteren bekleden bekoren charmeren dichttrekken in dienst nemen inhuren kleden opbrengen opleggen rekruteren straktrekken ter harte gaan werven

Spreekwoorden en zegswijzen
• het harnas aantrekken (=ten strijde trekken)
• een leeuwehuid aantrekken (=zich dapper tonen)
• de teugel aantrekken (=minder gaan uitgeven , strenger worden)
Naar de spreekwoorden

Taaladvies
  1. Schrijf je appetijtelijk met ei of ij? Zie appetijtelijk / appeteitelijk
  2. Schrijf je onappetijtelijk met ei of ij? Zie onappetijtelijk / onappeteiteleik


Intensiveringen
Hoe kun je aantrekken krachtiger uitdrukken?
aantrekken als een magneet;

9 definities op Encyclo
  • •een kracht uitoefenen die zaken naar zich toe doet bewegen. •aanlokken •vaster doen sluiten. •"iets ~": kleding aandoen •een stijgende lijn vertonen. •"zich ...
  • Voorzichtig volgen van wild tot dit vastligt en zich niet meer verplaatst.
  • voorzichtig volgen van het wild tot dit vastligt (lang blijft liggen) en zich niet meer verplaatst
  • Voorzichtig volgen van het wild tot dit vastligt (lang blijft liggen) en zich niet meer verplaatst.
  • een spurt aantrekken: bij een spurt aan kop gaan om een ander te helpen winnen
  • Toon uitgebreidere definities

    Deze woorden eindigen op aantrekken:
    stoute schoenen aantrekken

    Herkomst volgens etymologiebank.nl
    aantrekken