de Zweed

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [zwet]
Verbuigingen:  Zweden (meerv.)

de Zweed|se

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [zwet|sə]
Verbuigingen:  Zweedse|n, Zweedse|s (meerv.)

iemand met de Zweedse nationaliteit

© Kernerman Dictionaries.

3 definities op Encyclo
  1. • [demoniem] een inwoner van Zweden, of iemand afkomstig uit Zweden.
  2. 1) Bewoner van zweden 2) Europeaan 3) Inwoner van europa 4) Noord-europeaan 5) Scandinaviër
  3. iemand met de Zweedse nationaliteit; iemand die behoort tot het Zweedse volk; iemand die afkomstig is uit Zweden; inwoner van Zweden In het meervoud ook in toepassing op ...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met Zweed:
zweeddezweeddenZweedsZweedseZweedse puzzelzweedt

Deze woorden eindigen op Zweed:
gezweed

Herkomst volgens etymologiebank.nl
zweed