Er zijn geen spreekwoorden gevonden die `zwanger` bevatten.
Er zijn geen betekenissen gevonden die `zwanger` bevatten.
50 dialectgezegden bevatten `zwanger`
- 't is net ne OAD busse, d'r zit altied wat in (=vaak zwanger zijn) (Twents)
- Aj edeur mej jong vol gedouwe (=Hij heeft haar zwanger gemaakt) (Ossendrechts)
- Atte ooievaer op 1 been steet isse nie meer maagd (=Als de ooievaar op 1 been staat is die zwanger) (Diems)
- d'n ooievaar haet um in ut bein gebete (=zij is aangeteld / zwanger) (Venloos)
- daaj èstër ook vrig bij (=die trouwt jong -is jong zwanger) (Munsterbilzen - Minsters)
- daaj hèt zich gestaute (=ze is zwanger) (Munsterbilzen - Minsters)
- de koei zit vol (=de koe is zwanger) (Melseels)
- den aalege giest es gepasseert (=zwanger zijn van een ongekende vader) (Gents)
- den hef butkes in n boek (=zij is zwanger) (Twents)
- den heilege gees ès lengs gewès (=ze is onverwacht zwanger) (Munsterbilzen - Minsters)
- der bok hat geschtoe'ete (=onverwacht zwanger) (Nuths)
- det heat de dieke trom ingeslik (=ze is zwanger) (Venloos)
- det maegdje is auch ónger de ker gekome (=zwanger geworden) (Weerts)
- det's ein motje (=meisje dat zwanger is voor het huwelijk die moet trouwen) (Venloos)
- die ef 'n boek met botten (=die is zwanger) (Sallands)
- Die hebben ze met kip gedouwd (=Ze is zwanger) (Lopiks)
- die is ok tejgen nen hoek van een ronde tofel gelopen (=iemand die zichtbaar zwanger is) (Ransts)
- die is van d'n dijk geglejuh (=die is ongewenst zwanger) (Hendrik-Ido-Ambachts)
- Die moese trouwe (=Hij heeft haar zwanger gemaakt voordat ze gehuwd zijn) (Helenaveens)
- die van os zit vul (=mijn vriendin of echtgenote is zwanger) (Overpelts)
- Die zit met kip (denigrerend, met leedvermaak) (=Ze is (onbedoeld) zwanger geworden) (Dordts)
- Doar komt armn en bien'n van (=Ze is zwanger) (Sallands)
- doawer heift ne meens (=die is zwanger) (Geels)
- eij ef aar bi'j 't jonk edrukt (=wanneer een meisje -onbewust- zwanger wordt) (Kampers)
- en 't ès van moettës (=ze moet trouwen, ze is zwanger) (Munsterbilzen - Minsters)
- Hei-je het hooi òn de róók? (=Is je vrouw in verwachting, heb je iemand zwanger gemaakt?) (Texels)
- Het is eur op de emmer gevrore (=Ze is onverwacht zwanger geworden) (Diems)
- Hij his ze op jong geschupt (=Hij heeft ze zwanger gemaakt) (Geffes)
- Iemand met kind schopp'n. ( ) (=Iemand zwanger maken.) (Aaltens)
- IJ ef aar bi'j 't jonk edrukt (=Hij heeft haar zwanger gemaakt) (Kampers)
- ik spuit ô vol (=ik maak je zwanger) (Clings)
- ik zen zo (=ik ben zwanger) (Mols)
- in posiesje zèn (=zwanger zijn) (Meers)
- in posiesse zijn (=zwanger) (Moes)
- in poziese zaën (=zwanger zijn) (Winksels)
- in poziese zijn (=zwanger zijn) (Gents)
- in poziesse (=zwanger) (Duffels)
- is oe tuntje int zoat gezet (=ben je zwanger) (Dongens)
- iuëre rok wor te kort (=zwanger zijn) (Kaprijks)
- juh, daar loop een buik met benen (=een vrouw die zwanger is) (Leids)
- K zit op kiep (=Ik ben zwanger) (Tilburgs)
- K’em praas (=Ik ben zwanger) (Lils )
- Kloas moe were koome (=ze is terug zwanger) (Gents)
- konouijn: Dèi es naur oës gekomme mé e konouijn in elen boëk (=Ongehuwd zwanger geworden zijn) (Lebbeeks)
- mé a pakske zitte (=zwanger zijn) (Antwerps)
- Met jong schoppen (=zwanger maken) (Leids)
- nen toer teveel'op de meulne gezeedn (=zwanger zijn) (Kaprijks)
- Neuzemaker (=ze is zwanger (voor het huwelijk)) (Wetters)
- oek: Z'és tegen d'n oek van en ronne taufel geloeëpen (=Ze is zwanger) (Lebbeeks)
- over een halve staldeur scheiten (=iemand ongewenst zwanger maken) (Kalforts)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen