Spreekwoorden met `welke`

Zoek

Eén spreekwoord bevat `welke`

  1. weten uit welke hoek de wind waait (=weten hoe het in elkaar zit, wie de baas is)

4 betekenissen bevatten `welke`

  1. de toon aangeven (=bepalen welke richting het op gaat)
  2. je kaarten op tafel leggen (=laten weten over welke middelen je beschikt om iets gedaan te krijgen)
  3. voor geen geld of goede woorden (tot iets bereid zijn) (=niet bereid zijn tot iets, wat iemand ook ervoor biedt, en welke argumenten iemand ook naar voren brengt)
  4. in nood leert men zijn vrienden kennen (=wanneer men in de problemen zit wordt duidelijk welke vrienden daadwerkelijk iets voor je willen betekenen)

33 dialectgezegden bevatten `welke`

  1. De Nieuwbouw (=een woonwijk welke ruim 50 jaar bestaat) (Benschops)
  2. de waalkste wuldein? (=welke wil je hebben?) (Sint-Niklaas)
  3. de wèffere mènde (=welke bedoel je) (Tilburgs)
  4. ët kump nie trop aoën wëlke kleiër oos poeske hèt, at ze mér maajs vink (=in politiek telt geen partijkleur, als je maar geld vangt !) (Munsterbilzen - Minsters)
  5. gêi zè nogal ne clochard (=iemand welke fout begaat) (Antwerps)
  6. hij wiet niet uut welke hoek de wiend waait (=hij krijgt het maar niet op een rijtje) (Westerkwartiers)
  7. hij wiet uut welke hoek de wiend waait (=hij is goed met de zaak op de hoogte) (Westerkwartiers)
  8. hoeke doe me (=welke doen we) (Hardinxvelds)
  9. hukke mutte (=welke wil je) (Geldermalsens)
  10. Hukke mutte? Mutte zukke? (=welke wil je hebben? Wil je deze?) (Geldermalsens)
  11. hukke wilde hebbeh (=welke wil je hebben) (Geldermalsens)
  12. In de wizze weizestraat (=In welke straat) (Sint-Katelijne-Waver)
  13. Ni miër wiëten van welke paroche da ge zoit (=Niet meer weten van welke parochie dat ge zijt) (Buggenhouts)
  14. oemoemenou (=welke kant moeten we nu op) (Wichels)
  15. overaal wordt brood bakk'n (=het maakt niet uit in welke plaats je woont) (Westerkwartiers)
  16. wa jieng heb iech (=welke kinderen heb ik) (Hasselts)
  17. wa zittegêi in e broek te krabbe (=tegen iemand welke wartaal uitkraamd) (Antwerps)
  18. Waffer ha je gedocht? (=welke had je in gedachten?) (Rijsoords)
  19. waffer zen da (=welke zijn dat) (Rotselaars)
  20. waffere bakker komt er bij eillie (=welke bakker komt er bij u) (Mols)
  21. waffere momme hebbe (=welke moeten we hebben) (Alblasserdams)
  22. Waffere momme? (=welke moeten we nemen?) (Rijsoords)
  23. wafferemôme (=welke moeten we nemen) (Giessendams)
  24. wafferremommehebbe (=welke moeten we hebben?) (Nieuw lekkerlands)
  25. Waffre momme (=welke gaan (of moeten) we doen) (Giessenburgs)
  26. waffur rauwe kloten zien da! (=welke zevers zijn dat) (Ostêns)
  27. Wafurre momme (=welke moeten we nemen) (Hardinxvelds)
  28. watvër toere zin dat ! (=welke streken haal je nu toch maar uit!) (Munsterbilzen - Minsters)
  29. welke mo we hebbe dan (=welke moeten we hebben dan) (Hendrik-Ido-Ambachts)
  30. wellek wèèf vèn de gè ut lèkkerste (=welke vrouw spreekt jou het meeste aan) (Tilburgs)
  31. Woar ziede gej der enne van? (=Van welke familie ben jij?) (Siebengewalds)
  32. zondag, werkdag, uëgtag, liëgtag (=op om het even welke dag, voortdurend) (Wichels)
  33. zondag, werktag, uëgtag, liëgtag (=eeuwig en altijd, om het even welke dag) (Wichels)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen