Spreekwoorden met `ri`

Zoek


439 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `ri`

  1. aan de balk schrijven (=nota nemen van iets ongewoons)
  2. aan de degen rijgen (=tot (zwaar) verliezer maken)
  3. aan de strijkstok blijven hangen (=geld dat aan een goed doel wordt besteed verdwijnt voor een groot deel bij mensen die oneerlijke onkosten maken)
  4. aan zijn broek krijgen (=ermee opgescheept worden)
  5. aan zijn gerief komen (=vinden wat men nodig heeft (inz. seksuele behoeften))
  6. aan zijn snoer rijgen (=tot volgeling maken)
  7. achterin de fuik zit de paling (=je moet geduld hebben)
  8. ad interim (=tijdelijk - tussentijds) (Latijn)
  9. ad majorem dei gloriam (=tot meerdere eer van God) (Latijn)
  10. al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding (=wie zich mooi aankleedt wordt daarmee zelf nog niet mooi)
  11. al etende krijgt men trek / honger. (=al etende krijgt men steeds meer trek (ook figuurlijk).)
  12. al krijg ik geld mee! (=dat doe ik beslist niet!)
  13. alle goede dingen bestaan in drieën (=gezegd van iets waarvan men er twee heeft en een derde wil krijgen)
  14. alle vrijers zijn rijk. (=door verliefdheid de negatieve dingen van je partner niet zien)
  15. alleen een piepend wiel krijgt olie (=door zich opvallend te gedragen bekomt men aandacht)
  16. allemans vriend is allemans gek. (=als je iedereen te vriend wil houden, zal men misbruik van je maken.)
  17. allemans vriend is iedermans nar (=je kan niet voor iedereen goed doen)
  18. als David zijn volk telde verloor hij de strijd (=tel de winst pas uit bij het einde van de strijd)
  19. als de kat om de hete brij heen draaien (=iets wel willen, maar het niet durven)
  20. als een feniks uit de as herrijzen (=na de totale vernietiging opnieuw opbouwen)
  21. als een furie tekeergaan (=in razende woede tekeergaan)
  22. als haringen in een ton zitten (=zich erg dicht op elkaar bevinden)
  23. als het regent in mei, is april voorbij (=spreekwoord dat de spot drijft met spreekwoorden die open deuren intrappen)
  24. als Ieren en Britten op één land (=twee aartsvijanden in één ruimte)
  25. als niet komt tot iet dan is het allemans verdriet (=een `parvenu` heeft dikwijls kapsones)
  26. altijd brood eten verdriet ook. (=een mens wil ook eens een verzetje.)
  27. Amerikaanse toestanden. (=overdreven grote en heftige situatues)
  28. april doet wat hij wil (=april geeft onvoorspelbaar weer)
  29. aprilletje zoet, heeft nog wel eens een witte hoed (=in het begin (de hoed) van april kan het nog wel eens sneeuwen)
  30. armslag krijgen (=meer mogelijkheden krijgen)
  31. beter een goede buur dan een verre vriend (=vriendschap op afstand is minder waardevol)
  32. bezoek en vis blijven drie dagen fris (=je moet geen gasten te lang laten logeren want dan ga je je aan hun gewoonten ergeren)
  33. bij de kladden krijgen (=te pakken krijgen)
  34. bij iemand in het krijt staan (=aan iemand iets schuldig zijn)
  35. bij kris en kras volhouden (=bij hoog en bij laag volhouden)
  36. bij kris en kras zweren (=bij hoog en bij laag zweren)
  37. bij schering en inslag gebeuren (=erg vaak gebeuren)
  38. bij Sint Joris in de kost zijn (=ergens gratis eten)
  39. brave hendrik (=een persoon die op overdreven wijze de regeltjes volgt)
  40. daar steekt meer in dan een enkele panharing (=daar zit meer achter)
  41. daar wringt de schoen (=weten waar het probleem zit)
  42. dat gaat erin als klokspijs (=dat gaat er gemakkelijk in)
  43. dat is een rijkeluiswens (=iets waar heel erg naar wordt verlangd)
  44. dat is lariekoek (=dat heeft iemand verzonnen)
  45. dat is schering en inslag (=dat komt bijzonder vaak voor [onderdelen van een weefgetouw])
  46. dat mag met een krijtje aan de balk (=dat is een ongewone gebeurtenis)
  47. dat was Grieks voor hem (=dat begreep hij niet)
  48. de barricades opgaan (=actie voeren om iets voor elkaar te krijgen of juist tegen te houden)
  49. de bout op de kop krijgen. (=een geschil verliezen)
  50. de bovenhand krijgen (=winnen, zegevieren)

652 betekenissen bevatten `ri`

  1. een groentje zijn (=(ook: Groen als gras zijn. ) Ergens nog geen ervaring mee hebben)
  2. aan de fep zijn (=(overmatig) drinken)
  3. het zwaard aangorden (=(zich klaarmaken om) de strijd aan (te) binden)
  4. het licht zien (=1: begrijpen wat men daarvoor nog niet begreep 2: geboren worden, ontstaan)
  5. op de grote trom slaan (=aandacht proberen te krijgen voor diens zaak)
  6. als de ganzen (=achter elkaar op een rijtje)
  7. van achteren kijkt men de koe in zijn gat (=achteraf is het makkelijk kritiek geven)
  8. achterna kakelen de kippen (=achteraf is het makkelijk kritiek geven)
  9. de barricades opgaan (=actie voeren om iets voor elkaar te krijgen of juist tegen te houden)
  10. de zweep erop leggen (=afdrijven, opjagen)
  11. verandering van weide doet de koeien goed. (=afwisseling en verandering positieve effecten kunnen hebben)
  12. al etende krijgt men trek / honger. (=al etende krijgt men steeds meer trek (ook figuurlijk).)
  13. de lijdensbeker tot de bodem ledigen (=al het slechte, tot het laatste toe, over zich heen krijgen)
  14. gepokt en gemazeld zijn (=al veel ervaring hebben)
  15. de derde streng houdt de kabel. (=alle goede dingen bestaan in drieën)
  16. `t Moet al een ruige hond wezen, die twee nesten warm houden kan (=alleen een rijke man kan er een tweede vrouw op na houden)
  17. het leven is meer dan eten en drinken. (=alleen eten en drinken vult geen leven.)
  18. lief en leed delen (=allerlei plezierige en droevige dingen met elkaar beleefd hebben)
  19. tot in de puntjes regelen (=alles nauwkeurig regelen)
  20. alles door het halsgat jagen (=alles opmaken aan eten en drinken)
  21. de volle laag krijgen (=alles over zich heen krijgen)
  22. iemand tot op zijn hemd uitkleden (=alles van iemand afnemen, een te hoge prijs laten betalen)
  23. iemand om zijn vinger (kunnen) winden (=alles van iemand gedaan (kunnen) krijgen of alles mogen)
  24. overdag hebben waar men `s nachts van droomt (=alles zomaar in de schoot geworpen krijgen)
  25. als het in de kajuit regent ,druipt het in de hut (=als de baas problemen heeft, krijgen ook de ondergeschikten hun deel)
  26. het ene woord haalt het andere uit (=als de ene persoon een grote mond opzet, krijgt die dat van de ander terug)
  27. vis begint aan de kop te stinken (=als een bedrijf een slecht management heeft)
  28. als het hek van de dam is lopen de varkens in het koren (=als er geen toezicht is springen kinderen of ondergeschikten uit de band)
  29. er is geen ijs of het kost mensenvleis (=als er ijs op de sloten en vijvers ligt, verdrinken er altijd mensen)
  30. als je geschoren wordt, moet je stilzitten (=als er scherpe kritiek op je is (je wordt geschoren), kun je beter rustig wachten tot het voorbij is, in plaats van erop in te gaan)
  31. als het schip lek is, gaan de ratten van boord. (=als het verkeerd loopt, laten valse vrienden je in de steek)
  32. grijze haren zijn kerkhofsbloemen (=als je grijze haren krijgt, ben je niet zo ver van het kerkhof)
  33. wie appelen vaart, die appelen eet (=als je handelt in bepaalde goederen, dan zul je deze zelf waarschijnlijk ook gebruiken. / Iemand die bepaalde werkzaamheden voor een ander moet verrichten, geniet daar doorgaans zelf ook van)
  34. een spiering is vis als er anders niet is (=als je honger hebt, ben je niet kieskeurig / bij gebrek aan beter)
  35. allemans vriend is allemans gek. (=als je iedereen te vriend wil houden, zal men misbruik van je maken.)
  36. van uitstel komt afstel (=als je iets niet meteen doet, loop je het risico dat het nooit meer gebeurt)
  37. jong te paard, oud te voet (=als je in je jeugd erg wordt verwend, krijg je het later erg moeilijk)
  38. hoop doet leven (=als je kan hopen op betere tijden, dan krijg je toch weer levenslust / zo lang je nog hoop hebt zijn er ook nog mogelijkheden)
  39. een goed gelaat is de beste geleidebrief. (=als je knap bent krijg je veel voor elkaar)
  40. wie een hond wil slaan, vindt altijd wel een stok (=als je kritiek wil hebben op iemand, vind je altijd wel een reden)
  41. geen bericht is goed bericht (=als je niet weet hoe het met iets of iemand gaat, kun je ervan uitgaan dat het goed gaat, zolang je geen slecht bericht ontvangt)
  42. wie gekheid zaait zal dwaasheid oogsten. (=als je ongebruikelijke dingen doet krijg je ook ongebruikelijke resultaten)
  43. als de kan vol is, loopt zij over. (=als je te veel drinkt komt het er weer uit)
  44. een gegeven paard mag men niet in de bek kijken. (=als men een geschenk krijgt, dan moet men niet zoeken of er hier of daar wat aan mankeert.)
  45. wat men afdingt is het eerst betaald (=als men het goedkoop krijgt, is het vlugger betaald)
  46. wie vuur eet schijt vonken (=als men iets gevaarlijks onderneemt krijgt men nare gevolgen)
  47. de kruik gaat zo lang te water tot ze barst/breekt (=als men steeds risico`s blijft nemen, gaat het een keer mis)
  48. men moet de schapen scheren maar niet villen (=als men uit hebberigheid de inkomstenbron opoffert heeft men niets meer voor in de toekomst)
  49. wanneer twee honden vechten om een been, loopt de derde ermee heen (=als twee strijdende personen of partijen zich richten op elkaar, kan een ander daarvan profiteren door zich datgene toe te eigenen waar om gestreden wordt)
  50. op de kloosters reizen (=altijd bij vrienden of kennissen logeren)

Eén dialectgezegde bevat `ri`

  1. wa ri ke ki kie? ri ke kik na kak oef kak ke kik ie na? (=wat ruik ik hier nu, ruik ik hier nu kak of kak ik hier nu?) (Bornems)



Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen