Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

5 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `loon`

  1. boontje komt om zijn loontje (=hij krijgt wat hij verdient, de gevolgen zal iemand altijd wel een keer moeten gaan dragen)
  2. het kwaad loont zijn meester (=wie kwaad doet, kwaad ontmoet)
  3. loon naar werken krijgen (=loon krijgen dat in overeenstemming is met het gedane werk)
  4. ondank is `s werelds loon (=men wordt zelden bedankt voor een goede daad)
  5. zijn verdiende loon krijgen (=krijgen wat hem toekomt (meestal iets slecht))

6 betekenissen bevatten `loon`

  1. de rechte weg is de beste (=eerlijkheid loont)
  2. loon naar werken krijgen (=loon krijgen dat in overeenstemming is met het gedane werk)
  3. zoals men zaait zo zal men oogsten (=men krijgt loon naar werken)
  4. omwille van het smeer likt de kat de kandeleer (=omwille van het loon doet men een werk)
  5. De paarden die de haver verdienen, krijgen ze niet. (=Verdienste blijft vaak onbeloond)
  6. geduld is een schone zaak (=wie rustig afwacht wordt beloond)

Het dialectenwoordenboek kent 16 spreekwoorden met `loon`

  1. West-Vlaams: tis gennavanse (=het loont de moeite niet)
  2. Bilzers: aste de woerd spriks, hoeste geen liëges te onthaate (=de waarheid loont !)
  3. Bilzers: het mênke kimp vér ze gêld (=boontje komt om zijn loontje)
  4. kortemarks: ketje mie ketje weere (=loontje komt om zijn boontje)
  5. Oudenbosch: das de moejte nie wee-rt (=dat loont niet)
  6. Steins: Veur eine bökkem weurt de pan neet opgezat (=Dat loont de moeite niet)
  7. Bilzers: zjus tegoei (=dat is je verdiende loon)
  8. Mestreechs: diene késjem kriege (=je loon ontvangen)
  9. Munsterbilzen - Minsters: ze raaje mekan vër niks (=de wielrenners komen niet meer rond met hun loon)
  10. Munsterbilzen - Minsters: das sjaun mètgepak (=dat is extra bij mijn loon)
  11. Munsterbilzen - Minsters: noë mene lèste prei kos ich et aofbolle en den dop op gon (=na mijn laatste loon mocht ik het aftrappen en werd werkloos)
  12. Diesters: ich hem menne kezem getrokken (om de twee weken); ich hem getrokke (=ik heb mijn loon gekregen)
  13. Lichtervelds: tis wel bestid (=het is je verdiende loon)
  14. Olens: Ha hee zenne keziejem getrokke (=Hij heet zijn maandelijkse loon getrokken)
  15. Bilzers: de vaulste verke krijge t beste stroi (=De beste werkman krijgt niet altijd het beste loon)
  16. Oudenbosch: komme ze goed / pakte gij oew prijze?oeneer issut inkurve/inmaande? oelaot issut klokke zette; zijn zal afgesloge? en wanneer worre ze gelicht (p.v.de Postduif bij Willem Vermeulen en Gerrit Goos)? 1948-1964 Fenkelstraat-Varkensmarkt-Polderstraat-Stoofstraat resp.Joh.Hoppenbrouwers,Joh.van loon,Theo Ambagts,Cees Jongenelen-Janus Meesters-Piet Daas,Rinus Meesters-Koos Keij. Zijndur deur(gekomme) ? ; Speulde gij vites of fond;nest of op weduwschap?;issur dadeentje van de vlucht?daor steektur eentje;ze valle bedicht;nou komme ze gestee-rt af;en daor gao dun eul klad;wiejeet dun eurste gespeult?witte gij wie dun oed op aar?; tis un zwaore vlucht gewiest;zebbe draot gat;op de fond edde weinig waaivluchte;aardur veul mee?;eddok gepoeld?; aardur ok int konkoers staon of aarde ze alleen vor de vereniging mee?;aarderok vol staon ?;;Fenske witte gij dun uitslag vant konkoers? is dun lijst er al? oe laot zijn de prijze naf?. (=duivensport)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen