Spreekwoorden met `het ze`

Zoek

9 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `het ze`

  1. alle baat helpt zei de schipper, en hij blies in het zeil (=alle beetjes helpen)
  2. een oog in het zeil houden (=in de gaten houden)
  3. een oogje in het zeil houden (=alert zijn)
  4. een reef in het zeil doen (=besnoeien in de uitgaven, bezuinigen)
  5. het zeil (hoog) in de top halen (=een grootse vertoning weggeven)
  6. het zeil in top zetten (=een zo goed mogelijke vertoning weggeven)
  7. het zeil strijken (=het opgeven / flauw vallen / van iemand verliezen)
  8. iemand in het zeer tasten (=bij iemand de gevoelige plek raken)
  9. tegen het zere been schoppen (=een pijnlijke opmerking maken over iets wat gevoelig ligt)

13 betekenissen bevatten `het ze`

  1. wie zwijgt, stemt toe (=als je het ergens niet mee eens bent, moet je het zeggen)
  2. twee geloven op een kussen daar slaapt de duivel tussen (=als twee personen van een verschillend geloof trouwen, gaat het zelden goed)
  3. de broek aan hebben (=de baas spelen (van een vrouw over haar man), het voor het zeggen hebben)
  4. aan de touwtjes trekken (=de baas zijn, alles regelen, het voor het zeggen hebben)
  5. een hoge toon aanslaan (=doen alsof je het voor het zeggen hebt / luid en dwingend spreken)
  6. met een rode letter aangetekend staan (=duidelijk vermeld , zodanig dat het zeker niet vergeten wordt)
  7. advocaat van de duivel spelen (=een mening geven waar je het zelf niet mee eens bent, maar die je geeft om reacties uit te lokken)
  8. feestelijk danken (=er voor danken maar het zeker niet aannemen)
  9. iets uit de eerste hand hebben (=ergens zelf bij zijn geweest of hebben gehoord van iemand die het zelf heeft meegemaakt)
  10. oude schoenen wegwerpen voor men nieuwe heeft (=het onzekere voor het zekere nemen)
  11. de lakens uitdelen (=het voor het zeggen hebben, de baas spelen)
  12. doe wel naar mijn woorden, maar ziet niet naar mijn daden (=ik geef raad waar je je het beste aan kan houden, maar ik doe het zelf niet)
  13. met andermans kalf ploegen (=terwijl je de hulp van een ander gebruikt, doen alsof je het zelf alleen gedaan hebt)

10 dialectgezegden bevatten `het ze`

  1. daaj hèt ze nimmei allemoeël oppen raaj (=zij is gek) (Munsterbilzen - Minsters)
  2. dae hèt ze ziëker ërgens van de stroët gerop (=waar heeft ze die wel gevonden) (Munsterbilzen - Minsters)
  3. Dae vink (ze) dae hét ze nie op n raai dae mis ter e paor (=Die is niet goed wijs) (Bilzers)
  4. die het ze achter d'elleboog'n (=die is niet te vertrouwen) (Westerkwartiers)
  5. hij het ze achter d'elleboog'n (=hij is achterbaks) (Westerkwartiers)
  6. hij het ze achter de elleboog'n (=hij is niet te vertrouwen) (Westerkwartiers)
  7. hij was gek op die vrouw (=dae hèt ze been onder zen K autgeloope vër dat vroomes) (Munsterbilzen - Minsters)
  8. hij zel ze mores leer' n (=hij zal het ze betaald zetten) (Westerkwartiers)
  9. ielke gek hèt ze gebrek (=aan iedereen mankeert wel wat) (Munsterbilzen - Minsters)
  10. wat daaj èn hërre kop hèt, hèt ze nie èn hër Ko... (=haar wil is wet) (Munsterbilzen - Minsters)


Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen