Gezegden,

uitdrukkingen, gezegden en spreekswijzen

Zoek

Eén spreekwoord bevat `duik`

  1. in zijn kraag duiken (=de kraag hoog opzetten tegen de koude)

3 betekenissen bevatten `duik`

  1. door de mazen der wet kruipen (=de wet listig ontduiken)
  2. een achterdeurtje. (=een manier om iets te ontduiken.)
  3. boven water komen / boven water halen (=tevoorschijn komen / tevoorschijn halen, verschijnen, opduiken.)

Het dialectenwoordenboek kent 9 spreekwoorden met `duik`

  1. Zwols: 't is een öttego (=het is een slome duikelaar)
  2. Waregems: duikske speeln (=verstoppertje spelen)
  3. Amsterdams: De huissiesmelker is een slome duikelaar (=De huisbaas is een sufferd)
  4. Bilzers: èn de koffer duikele (=naar bed gaan)
  5. Brakels: in' duik (=in het geniep)
  6. Lokers: duikt au weierme mee au gat bluuët (=Goede nacht wens)
  7. Bilzers: mette vroomes èn de koffer duikele (=met een vrouw naar bed gaan)
  8. Rotterdams: Ik duik onder de pooklappen (=Ik ga naar bed.)
  9. Amsterdams: Met Jan en alle man het koffer in duiken (=Met iedereen naar bed gaan)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook: Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlanse vertalingen