Eén spreekwoord bevat `PLEZIER`
- je PLEZIER niet opkunnen (=er veel plezier aan beleven)
16 betekenissen bevatten `PLEZIER`
- lief en leed delen (=allerlei PLEZIERige en droevige dingen met elkaar beleefd hebben)
- je plezier niet opkunnen (=er veel PLEZIER aan beleven)
- er muziek in zitten (=er veel van kunnen verwachten en/of PLEZIER van beleven)
- om van te kotsen (=erg lelijk, absoluut onPLEZIERig)
- in zijn sas zijn (=erg tevreden met iets zijn of PLEZIER met iets hebben)
- iemand op zijn zeer trappen (=ergens over praten wat door iemand als erg onPLEZIERig ervaren wordt)
- er voor tekenen (=het met PLEZIER willen aanvaarden)
- de pret alleen hebben (=iemands PLEZIER bederven)
- er als een berg tegen opzien (=iets voor zichzelf beschouwen als een zeer moeilijke, of onPLEZIERige, taak of omstandigheid)
- in zijn vuistje lachen (=in jezelf ergens PLEZIER hebben / Op ietwat stiekeme wijze ergens voordeel van hebben)
- jong bier moet gisten (=kinderen hebben recht op PLEZIER)
- met hart en ziel (=met PLEZIER en passie)
- liever te dik in de kist dan een feestje gemist (=PLEZIER hebben is belangrijker dan lang leven)
- uit de band springen (=uitbundig PLEZIER maken, zonder rekening te houden met de regels van orde en fatsoen)
- leef niet om te eten maar eet om te leven (=vergeet niet om ook PLEZIER te maken in het leven)
- zaken gaan voor het meisje. (=verplichtingen zijn belangrijker dan PLEZIER)
50 dialectgezegden bevatten `PLEZIER`
- 'k heb d'r kant oaregheid aan (=ik beleef er veel PLEZIER aan) (Westerkwartiers)
- 't éé PLEZIER is 't ander wjeird (=altijd bereid zijn tot een wederdienst) (Sint-Niklaas)
- 't goa nog schriëmm va komn (=wanneer kinderen teveel PLEZIER maken) (Kaprijks)
- ' t amuzement (=veel PLEZIER gewenst) (Brakels)
- A'j nen döl noar t maark steurt, hebt de koopleu wil (=Als je een sufferd naar de markt stuurt, hebben de kooplui PLEZIER) (Twents)
- agge mar leut et (=als je maar PLEZIER hebt) (Bergs)
- agge mar leut het (=als je maar PLEZIER hebt) (Brabants)
- agge mar schik het (=als je maar PLEZIER hebt) (Ossies)
- Amezeida (=Maak veel PLEZIER) (Zoovetoems)
- baeter ne bauk vant zaupe, as ne kroef vant kraupe (=beter met PLEZIER door het leven dan altijd moeten werken) (Munsterbilzen - Minsters)
- d'amuuzeleute (=veel PLEZIER gewenst) (Gents)
- d'amuzeleude (=veel PLEZIER) (Kaprijks)
- das geen aordeghéts mei (=daar heb je geen PLEZIER meer aan) (Bilzers)
- das geen aordeghéts mei (=daar beleef je geen PLEZIER meer aan) (Munsterbilzen - Minsters)
- dat es geire gedoan (=dat is met PLEZIER gedaan) (winksels)
- de werd és één graute kërmes en doë mauste e tijdsje PLEZIER maoke (=de wereld is een schouwtoneel, elk krijgt een rol en speelt zen deel) (Munsterbilzen - Minsters)
- Det gaadj mich/um (=Dat doet mij / hem PLEZIER) (Roggels)
- Det gaaide 'm, det deej 'm plezeer (=Dat deed hem PLEZIER) (Roermonds)
- Dikke van laachen (=Veel PLEZIER hebben en veel lachen) (Giethoorns)
- Dikke van laachen (=Hartelijk er om lachen, PLEZIER) (Giethoorns)
- doar het er kaant oaregheid aan (=daar heeft hij veel PLEZIER in) (Westerkwartiers)
- doë vénnech nau és niks aon (=ik begrijp niet hoe je daar PLEZIER in vindt) (Bilzers)
- een scheete leute en (=véél PLEZIER hebben) (Zottegems)
- ge zétj er nog veel geniet van émmen (=je zal er nog veel PLEZIER aan beleven) (Meers)
- get mèt bedraag bekieke (of doon) (=iets aandachtig, met PLEZIER bekijken (of doen)) (Heitsers)
- hellemond stetje van PLEZIER auw zal 'k nooit vergéttu, ben ik in d'n vrimde ben ver van hois bai allie vúl ik me thois (=helmond stadje van PLEZIER, jou zal ik nooit vergeten) (Helmonds)
- hij het schik (=hij heeft PLEZIER) (Westerkwartiers)
- iemand e PLEZIER doen (=iemand spontaan helpen met iets) (Sint-Niklaas)
- Iets mit liefhewwerai doen. (=Iets met PLEZIER doen.) (Zaans)
- ij doe in tfijn leiwoad (=hij gaat naar de meisjes van PLEZIER) (Wetters)
- ij jond'hem (=hij heeft er PLEZIER in) (Kaprijks)
- ik heb er genaai van (=ik heb er PLEZIER van) (Hedels)
- ik ken 't lach'n niet loat'n (=hier heb ik veel PLEZIER om) (Westerkwartiers)
- jeet er zne deugd in (=hij beleeft er PLEZIER aan) (Lichtervelds)
- jeet er zne deugd in (=hij beleeft er PLEZIER aan) (Kortemarks)
- kekt um leut hebbe (=zie hem er PLEZIER om hebben) (Brabants)
- liever schik as un neije boks (=liever PLEZIER dan zorgen) (Boksmeers)
- mee smaok naor iets kijke (=met PLEZIER naar iets kijken) (Oudenbosch)
- must op de Weaze weze (=de dames van PLEZIER bezoeken) (Leewarders)
- ne gas hÛbste PLEZIER on, esset nie bijt koëme dan toch bijt gon (=welgekomen, wanneer vertrek je?) (Bilzers)
- Olnzel stedke van plezeer (=Oldenzaal stadje van PLEZIER) (Twents)
- On de Hee stond mèt kûrmes een graute tent bau vër viël PLEZIER mokde (=Veel PLEZIER hebben we beleefd in de tent met Heikermis) (Munsterbilzen - Minsters)
- oy moa leut' eet (=als je maar PLEZIER hebt) (Waregems)
- Stedje van lol en plezeer (=Stadje van lol en PLEZIER) (Venloos)
- tee PLEZIER èst aander wiëd (=voor wat hoort wat) (Munsterbilzen - Minsters)
- Uut ra.nd én ba.nd zien (=Uitzinnig van PLEZIER en opwinding) (Genneps)
- van de lange berg (=niet met veel inzet of PLEZIER) (Bilzers)
- van zaot noë zaoter, mér de kaoter kump laoter (=PLEZIER en smart liggen kort bijeen) (Bilzers)
- Vuer den truut (=Voor het PLEZIER) (Herentals)
- völle wille! (=veel PLEZIER / succes) (Sallands)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen