Spreekwoorden met `gek`

Zoek

30 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten ` gek`

  1. al te goed is buurmans gek (=van te veel goedheid wordt misbruik gemaakt)
  2. alle gekheid op een stokje (=maar nu liever ernstig)
  3. allemans vriend is allemans gek. (=als je iedereen te vriend wil houden, zal men misbruik van je maken.)
  4. beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald (=je kan beter iets voortijdig stoppen dan doorgaan tot het helemaal verkeerd gaat)
  5. de boon van de koek gekregen hebben (=geluk gehad hebben)
  6. de gek in de mouw dragen (=eigenaardigheden verbergen voor anderen)
  7. de gek met iemand steken (=spotten met iemand)
  8. de gekken krijgen de beste kaarten (=het geluk is met de dommen)
  9. de gekken krijgen de kaart (=dwaze en onverstandige mensen krijgen hun gelijk of ze dat hebben of niet)
  10. doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. (=blijf vooral normaal doen)
  11. dwazen en gekken schrijven hun namen op deuren en hekken (=dwazen doen gekke dingen)
  12. een gek en zijn geld blijven nooit lang bij elkaar (=geld uitgeven aan nutteloze en onnodige dingen)
  13. een klap van de molen gekregen hebben (=niet goed meer bij verstand zijn)
  14. elke gek heeft zijn gebrek (=er valt op iedereen wel iets aan te merken)
  15. er de gek mee scheren (=iets of iemand bespotten)
  16. er voor geknipt zijn (=er zeer geschikt voor zijn)
  17. geen mens zo gek of hij heeft een goeie trek. (=zelfs vreemde mensen hebben goede eigenschappen)
  18. gekroesd haar, gekroesde zinnen (=vreemdelingen hebben andere zeden en gewoonten)
  19. gekruld haar, gekrulde zinnen (=vreemdelingen hebben andere zeden en gewoonten)
  20. het is sop en gekookt eten. (=het is hetzelfde.)
  21. het is van de gekke (=het zou niet mogen)
  22. hou ouder, hoe gekker. (=ouderen maken zich minder druk om wat anderen van hen denken)
  23. iets door een gekleurde bril zien (=op een bevooroordeelde manier naar de zaak kijken)
  24. op de eerste april zendt men de gekken waar men wil (=op 1 april worden grappen uitgehaald)
  25. veel beloven en weinig geven, doet de gek in vreugde leven (=veel mensen zijn al blij met een belofte en geloven alles)
  26. verstand hebben van gekookt eten. (=ergens verstand van hebben.)
  27. wat de heren wijzen moeten de gekken prijzen (=aan beslissingen van het hoger gezag moet men zich onderwerpen)
  28. wie gekheid zaait zal dwaasheid oogsten. (=als je ongebruikelijke dingen doet krijg je ook ongebruikelijke resultaten)
  29. zijn rokje gekeerd hebben (=standpunten veranderen)
  30. zo gek als een deur (=stapelgek)

37 betekenissen bevatten ` gek`

  1. voor heter vuren gestaan hebben (=al groter problemen gekend hebben)
  2. na gedane arbeid is het goed rusten (=als een klus geklaard is kan men er tevreden op terug kijken)
  3. ben je belatafeld (=ben je gek)
  4. van de ratten besnuffeld/gebeten zijn (=ben je nu helemaal gek!)
  5. dat heb ik nog nooit op een klomp horen spelen (=dat is al te gek)
  6. goed gereedschap is het halve werk (=door de juiste hulpmiddelen te gebruiken wordt het karwei snel geklaard)
  7. volle krop, dolle kop. (=dronken mensen doen gekke dingen)
  8. dwazen en gekken schrijven hun namen op deuren en hekken (=dwazen doen gekke dingen)
  9. gekken en dwazen schrijven hun namen op deuren en glazen (=dwazen doen gekke dingen)
  10. ambt geeft verstand. (=een baan gekregen hebben zonder er iets van af te weten)
  11. twee zotten onder één kaproen (=een gek is zelden alleen)
  12. de bom is gebarsten (=een langdurige spanning of conflict is tot een uitbarsting gekomen)
  13. een gehuurd paard en eigen sporen maken korte mijlen (=eigen bezit beschadigt men minder dan gekregen of gehuurd bezit)
  14. elkaar bij de neus nemen (=elkaar voor de gek houden)
  15. er een punthoofd van krijgen (=er compleet gek van worden)
  16. iets hoog opnemen (=ergens zeer gekrenkt over zijn)
  17. ruim zijn aandeel in `s werelds lief en leed gehad hebben (=genoeg geluk en tegenslagen gekend hebben)
  18. het is geen roofgoed (=het heeft veel geld (of moeite) gekost)
  19. er loopt bij hem een streep door (=hij is een beetje gek)
  20. zijn eigen luizen bijten hem (=hij wordt gekweld door zijn eigen kinderen)
  21. oud mal gaat bovenal (=hoe ouder hoe gekker)
  22. gekke Henkie (=iemand die niets in de gaten heeft (bv. `Je denkt toch niet dat ik gekke Henkie ben ?`))
  23. iemand voor het lapje houden (=iemand iets wijs maken of voor de gek houden)
  24. kroes haar kroeze zinnen (=iemand met gekruld haar is wispelturig)
  25. iemand in de maling nemen (=iemand voor de gek houden)
  26. met iemand spelen als de kat met de muis (=iemand voor de gek houden)
  27. met iemand zijn voeten spelen (=iemand voor de gek houden)
  28. iemand bij de neus nemen (=iemand voor de gek houden; iemand bedriegen)
  29. geen man over boord zijn (=iets is niet zo erg, het had veel erger gekund)
  30. iemand in het ooitje nemen (=met iemand een grap uithalen of voor de gek houden)
  31. hier niet zijn om vliegen te vangen (=niet gekomen om de tijd de verdoen)
  32. niet goed bij zijn hoofd zijn (=niet goed wijs zijn, gekke dingen doen)
  33. de berg heeft een muis gebaard (=ondanks de grote beloften is er vrijwel niets van terecht gekomen)
  34. op je paasbest zijn (=op zijn best gekleed en goed verzorgd zijn)
  35. petje af (=respect betonen voor hoe iemand iets voor elkaar gekregen heeft)
  36. het nakijken hebben (=te laat in actie zijn gekomen, een ander was je voor)
  37. een Pyrrhusoverwinning behalen (=winnen wat zoveel heeft gekost dat je de volgende ronde niet meer aan kan)

Eén dialectgezegde bevat ` gek`

  1. Gij zij ni zjust (=Jij bent zot., gek) (Herentals)

Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen