16 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten ` buik`
- de buikriem/broekriem aanhalen (=spaarzamer worden)
- een volle buik peinst op geen lege. (=iemand die genoeg te eten heeft is niet bezig is met de zorgen van een ander)
- er zijn buik van vol hebben (=er genoeg van hebben)
- het varken is door de buik gestoken (=de zaak is vooraf bedisseld)
- iemand in de buik straffen. (=als straf geen eten geven.)
- iets op je buik kunnen schrijven (=iets wel kunnen vergeten, dat wat je wilde gaat niet door)
- je buik op de leest slaan (=te veel eten)
- liever vrij en geen eten dan een volle buik aan een ijzeren keten. (=vrijheid is een hoger goed dan materiële welvaart.)
- met het mes in de buik zitten (=in grote angst verkeren)
- op een volle buik staat een vrolijk hoofd. (=een volle buik brengt een blij en tevreden humeur.)
- plat op de buik gaan (=aan iemand toegeven, zich overleveren)
- schrijf het maar op je buik (dan kan je het met je hemd weer uitvegen) (=vergeet het maar)
- twee handen op een buik (=ze werken samen, ze denken er hetzelfde over)
- twee handen op één buik zijn (=het altijd met elkaar eens zijn)
- van je buik een afgod maken (=belang hechten aan lekker eten en drinken)
- vlinders in zijn buik hebben (=verliefd zijn)
2 betekenissen bevatten ` buik`
- op een volle buik staat een vrolijk hoofd. (=een volle buik brengt een blij en tevreden humeur.)
- de kronkel in de darm hebben (=hevige buikpijn (koliek) hebben)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen