203 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `oet`
- zijn haan moet altijd koning kraaien (=hij wil altijd de baas zijn)
- zoet gedronken, zuur betaald. (=drankmisbruik kan veel schade aanrichten)
- zoete broodjes bakken (=dingen zeggen om een goede indruk achter te laten bij mensen met invloed)
272 betekenissen bevatten `oet`
- met de mond vol tanden staan (=niet weten wat je moet zeggen / ergens versteld van staan)
- door een eiken plank kunnen zien als er een gat in zit (=niet zo bijzonder zijn als je je voordoet)
- nieuwe bezems vegen schoon, maar oude bezems kennen alle hoeken en gaten (=nieuwe medewerkers (of: nieuwe leiders) pakken de zaken grondig aan, maar oude medewerkers (of: oude leiders) weten hoe het moet op grond van ervaring)
- iets voor de boeg hebben (=nog werk te doen hebben. / Nog iets mee moeten maken)
- eraan moeten geloven (=of iemand wil of niet, het moet toch gebeuren)
- wie de pastoor niet eert, wie zijn absolutie riskeert (=om je ambitie te bereiken, moet je extra aardig zijn voor de hoge heren)
- omwille van het smeer likt de kat de kandeleer (=omwille van het loon doet men een werk)
- barbertje moet hangen (=ongeacht of iemand schuldig is moet die gestraft worden)
- geen zo kleine sant of hij wil zijn kaars hebben (=ook de mindere machten moet men gunstig stemmen)
- oude bomen moet men niet verplanten (=oude mensen doet men liever niet verhuizen)
- over smaak valt niet te twisten (=over verschil in smaak moet men geen ruzie maken)
- het kind moet (toch) een naam hebben (=passend of niet, je moet het kunnen noemen)
- als het kind maar een naam heeft (=passend of niet, je moet het kunnen noemen (een naam geven))
- van december tot maart is de schol de pan niet waard (=platvis moet je in de zomer eten)
- een (goede) neus voor iets hebben (=precies aanvoelen hoe iets moet of gaat)
- je kan geen omelet maken zonder eieren te breken (=soms moet men iets verliezen om een hoger doel te bereiken)
- het eten niet meer op kunnen. (=spoedig moeten sterven.)
- iemand op de vingers kijken (=steeds kijken wat iemand doet, en of die het goed doet)
- met de benenwagen (=te voet)
- de kuierlatten nemen (=te voet gaan)
- met de paarden van Sint Franciscus. (=te voet gaan)
- op het apostelpaard rijden (=te voet gaan)
- tussen hamer en aanbeeld (=tussen twee slechte dingen moeten kiezen)
- tussen twee vuren zitten (=uit twee slechte dingen moeten kiezen)
- met hoge heren is het kwaad kersen eten (=van de omgang met aanzienlijke personen moet men niet altijd voordeel verwachten)
- naar iets mogen kijken (=van iets moeten afblijven)
- aan mijn lijf geen polonaise (=van mij moet je afblijven)
- veel noten op zijn zang hebben (=veel eisen en wensen waaraan voldaan moet worden)
- over de brug komen (=veel geld moeten betalen)
- slapende rijk worden (=veel geld verdienen zonder er iets voor te moeten doen)
- over heel veel schijven gaan (=veel hiërarchische of administratieve niveaus moeten zich ermee bemoeien)
- het zo druk hebben als een klein baasje (=veel kleine karweitjes moeten doen)
- de mossel doet de vis afslaan. (=veel slechte waar op de markt doet de prijzen van de goede waar dalen)
- de spiering doet de kabeljauw afslaan (=veel slechte waar op de markt doet de prijzen van de goede waar dalen)
- uit zijn lood geslagen zijn (=verbaasd zijn, niet goed meer weten hoe het verder moet)
- de dienst uitmaken (=vertellen wat er gebeuren moet)
- veel honden zijn der hazen dood (=voor de overmacht moet men wel bezwijken)
- een kruisje is genoeg voor een boterham uit het vuistje (=voor een gewone broodmaaltijd moet niet te veel gebeden worden)
- bouw geen molen om een bak zaad (=voor een kleinigheid moet men teveel moeite doen.)
- wie mooi wil zijn, moet pijn lijden (=voor schoonheid moet je wat over hebben)
- kleur bekennen (=voor zijn standpunt uit moeten komen)
- de ene dienst is de andere waard (=wanneer iemand helpt, doet men graag iets terug)
- rust roest (=wanneer je niets doet gaat je vermogen achteruit)
- de rollen omkeren (=wat de een normaal doet doet de ander nu en andersom)
- wat het zwaarst is moet het zwaarst wegen (=wat het belangrijkste is moet het eerste gebeuren)
- het paard moet tot de kribbe komen. (=wie belang heeft bij een zaak moet er zelf op uit gaan)
- wie liegt bedriegt. (=wie een leugen vertelt doet ook andere dingen die niet mogen)
- wie zijn gat brandt, moet op de blaren zitten (=wie een risico neemt, moet de gevolgen dragen)
- wie in het schuitje zit moet meevaren (=wie ergens mee begonnen is moet dit ook afmaken)
- wie niet sterk is moet slim zijn (=wie geen macht of invloed heeft moet zijn slimheid gebruiken om je doel te behalen)
14 dialectgezegden bevatten `oet`
- Vrief dich ins de pupsje oet de ówwe. (=Wrijf eens de slaap (snotjes) uit je ogen.) (Mechels (NL))
- wae zulle oet ós döp mótte kieke (=wij zullen goed op moeten letten) (Heitsers)
- wat kiet hij ja dams oet (=wat kijkt hij scheel) (gronings)
- Wat oèt d'n aek dreie (=Een goede prestatie leveren) (Venloos)
- wat t'r neuchter in gieët, keumtj t'r zaat oet (=dronken mensen vertellen de waarheid) (Weerts)
- wie zuut ' t oet (=hoe ziet het uit) (Mestreechs)
- zeuk ' t diech oet (=zoek het je uit) (Mestreechs)
- zich de böl oet de boks lache (=hard lachen) (Heitsers)
- zich oet d'r sjtöb make (=wegrennen / vluchten) (wijlres)
- zieje mich, oet an schélle? (=ben je mij uit aan het schelden?) (Budels)
- zien aerpel kómme oet (=zegt men als iemand gaten in zijn kousen of sokken heeft) (Heitsers)
- ziet ni oët zen oeëge; dieënet gin oeëge (=let niet op) (Diesters)
- Zig gét oet die göt houwe. (WT) (=Heel dom praten) (Mechels (NL))
- zijne oet oan en, zijne oet mee binders oan en (=kwaad zijn, zeer kwaad zijn) (Gents)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen