Spreekwoorden met `hem`

Zoek


50 dialectgezegden bevatten `hem`

  1. Bettie ak 'maai (=Bijt ie als ik hem aai) (Brabants )
  2. Bettie ak um aai? (=Bijt hij (de hond / kat) als ik hem aai?) (werkendams)
  3. Bettie ak um aai? (=Bijt hij als ik hem aai?) (Bredaas)
  4. Bèttie akkem aai? (=Bijt hij als ik hem aai?) (Kaatsheuvels)
  5. Bettie akkem aoi? (=Bij hij als ik hem aai?) (Culemborgs)
  6. bettie akkemaai (=bijt hij als ik hem aai) (Ossendrechts)
  7. bèttie akkum aai (=bijt hij als ik hem aai) (Tilburgs)
  8. Bettie akkum aai? (=Bijt die hond als ik hem aai?) (Baronies)
  9. Bettie akkum aai? (=Bijt die (hond) als ik hem aai?) (Roosendaals)
  10. Bettie akkum aoi (=Bijt hij als ik hem aai) (Brabants)
  11. Bettie akkumaai (=Bijt hij als ik hem aai.) (Bosch)
  12. bettie ek um oai (=bijt hij als ik hem aai) (Brakels (gld))
  13. Bettie joekel akkum aoi (=Bijt die hond als ik hem aai) (Bosch)
  14. bettie-akemai (=bijt hij als ik hem aai) (Brabants)
  15. bettie-akkum-aai? (=bijt hij als ik hem aai?) (ossies)
  16. bettie'ask'maai? (=bijt hij als ik hem aai?) (brabants)
  17. bettieakkumàài (=bijt hij als ik hem aai) (Berghems)
  18. bettieakkumaai? (=bijt hij als ik hem aai?) (Dongens)
  19. bettieakkumaai? (=Bijt hij als ik hem aai?) (Tilburgs)
  20. bèttum in de koit (=pak hem) (Geldermalsens)
  21. Biet 'm in de rugge (=Haal hem in) (Gronings)
  22. Biet ie ak em aai (=Bijt hij als ik hem aai) (Terneuzens)
  23. biet'n ak 'n aaie (=bijt hij als ik hem aai) (Zeeuws)
  24. Biet'n ak'n aai? (=Bijt hij als ik hem aai?) (Zeeuws)
  25. bietie a-k'um aei (=bijt hij als ik hem aai) (Zeeuws)
  26. Biettie ankum aai (=Bijt hij als ik hem aai) (Zaamslags)
  27. bij hem komt alles op 'e weegschoal (=het steekt bij hem heel nauw) (Westerkwartiers)
  28. bij hem zit ' n schroefke lös (=hij is een beetje gek) (Westerkwartiers)
  29. bij hum (=bij hem) (Brakels (gld))
  30. Bit tie as k m ai (=Bijt hij als ik hem aai) (Slands)
  31. brékt ém ‘t alven deur (=breek hem middendoor) (Meers)
  32. d r zittum un scheet dwars (=er zit hem iets dwars) (Oudenbosch)
  33. d'r is met hem gien laand te bezeil'n (=men kan met hem niets beginnen) (Westerkwartiers)
  34. d'r was met hem gien huus te holl'n (=met hem kon je niet gelukkig samenleven) (Westerkwartiers)
  35. Da is hem fiets (=Dat is zijn fiets) (Renkums)
  36. da pasde him èn zene kroeëm (=dat kwam hem heel goed uit) (Munsterbilzen - Minsters)
  37. da sköt hum ' t verkeerdn keelgat in. (=dat schiet hem in het verkeerde keelgat) (Vechtdals)
  38. da speelt in ze kaortn (=dat komt hem goed uit) (Kortemarks)
  39. da viel um koud op z n dak (=dat viel hem erg tegen) (Oudenbosch)
  40. da's 'em een doorn ien 't oog (=dat zit hem behoorlijk dwars) (Westerkwartiers)
  41. da's 'n kolfke noar zien haand (=dat past precies bij hem) (Westerkwartiers)
  42. da's koor'n op zien meul'n (=dat komt hem heel goed van pas) (Westerkwartiers)
  43. da's vur hum (=dat is voor hem) (Berghems)
  44. Da’s een gansen slauwen. (=Voor hem moet je oppassen.) (Aaltens)
  45. da' s ' em met de paplebel iengoot' n (=dat is hem van jongs af aan geleerd) (Westerkwartiers)
  46. daaj loeg bij him èn de boëvëste sjaajf (=die was goed gezien bij hem) (Munsterbilzen - Minsters)
  47. dae (daaj) kan ich nie tausbringe (=hem (haar) ken ik helemaal niet) (Munsterbilzen - Minsters)
  48. dae / daaj lëp waaj e sjauthindsje aater mich aon (=ik geraak nooit van hem / haar af!) (Munsterbilzen - Minsters)
  49. dae ès mèttë broekeriem grautgebraach (=die is streng behandeld geweest om hem goede manieren in te pompen) (Munsterbilzen - Minsters)
  50. dae geet nog vieël moete blieje (=dat gaat hem nog veel geld kosten) (Munsterbilzen - Minsters)




Bronnen

De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers. Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.

Zie ook:
  • vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
  • Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen