1193 spreekwoorden en uitdrukkingen bevatten `nd`
- `s Lands wijs, `s lands eer (=ieder volk is gehecht aan zijn eigen gewoonten, hoewel anderen ze maar raar vinden)
- `t Is gelijk of men van/door de kat of de kater/hond gebeten wordt (=het maakt niet uit hoe of waardoor je benadeeld bent geweest)
- `t Moet al een ruige hond wezen, die twee nesten warm houden kan (=alleen een rijke man kan er een tweede vrouw op na houden)
- aan alle dingen komt een eind. (=alles verandert)
- aan banden leggen (=de vrijheid beperken)
- aan de beterende hand zijn (=langzaam genezen, herstellen)
- aan de beterhand (=genezend, herstellend)
- aan de ene voet een schoen, de ander blootvoets (=evenwicht is voornaamst)
- aan de grond zitten (=bankroet of totaal uitgeput zijn)
- aan de hand doen (=bezorgen)
- aan de hand van (=door middel van)
- aan de leiband lopen (=erg volgzaam zijn)
- aan de lopende band (=aan één stuk door; steeds maar weer)
- aan de middelhand zitten (=niet eerst of laatst moeten spelen)
- aan de rand van het graf staan (=bijna dood zijn)
- aan de rand van het ravijn bloeien de mooiste bloemen (=de beste resultaten dragen tegelijkertijd de grootste risico`s)
- aan de voorhand zijn/zitten (=voorrang hebben)
- aan elkaar hangen als droog zand (=geen enkele samenhang vertonen)
- aan handen en voeten gebonden zijn (=geen kant op kunnen)
- aan het andere eind van de wereld (=heel ver weg)
- aan het eind van zijn akker zijn (=het geld is op)
- aan het eind van zijn Latijn zijn (=uitgeput zijn)
- aan het kortste eind trekken (=in de ongunstigste positie zijn / verliezen)
- aan het langste eind trekken (=in de voordeligste positie zijn)
- aan het verstand brengen (=duidelijk maken)
- aan iemands leiband (=door iemand geleid)
- aan iemands lippen hangen (=aandachtig luisteren)
- aan iemands voeten liggen (=iemand vereren, een absolute fan van iemand zijn)
- aan zijn eindje vasthouden (=zijn standpunt handhaven)
- acht is meer dan duizend (=voorzichtig zijn is het belangrijkste. (woordspeling: acht=`let op` niet `8`))
- achter iemand zoeken (=iemand kwaad proberen te doen)
- achter slot en grendel (=opgesloten)
- achteruit gaan als een hollend paard (=snel terrein verliezen)
- ad calendas graecas (=tot in het oneindige uitstellen) (Latijn)
- ad fundum (=tot op de bodem) (Latijn)
- afwijzend beschikken op (=het verzoek weigeren)
- al doende leert men (=door iets vaak te doen, leert men hoe het moet.)
- al etende krijgt men trek / honger. (=al etende krijgt men steeds meer trek (ook figuurlijk).)
- alle dingen hebben twee handvatten. (=er zijn vaak meerdere manieren zijn om een situatie aan te pakken)
- alle havens schutten geen wind (=niet alles levert een voordeel op)
- alle havens schutten wind (=als je meedoet deel je mee in de winsten)
- alle heilige huisjes aandoen (=alle cafés onderweg bezoeken)
- alle molens vangen wind. (=iedereen die meedoet zal een deel van de opbrengst opeisen)
- alle winden hebben hun weerwinden. (=soms zit het mee, soms zit het tegen)
- alleen een piepend wiel krijgt olie (=door zich opvallend te gedragen bekomt men aandacht)
- allemans vriend is allemans gek. (=als je iedereen te vriend wil houden, zal men misbruik van je maken.)
- allemans vriend is iedermans nar (=je kan niet voor iedereen goed doen)
- allemans werk is niemands werk. (=als iedereen verantwoordelijk is, doet niemand het daadwerkelijk.)
- als aan de grond genageld staan (=perplex staan)
- als buurmans huis brand is het tijd om uit te zien. (=leer van andermans problemen)
1743 betekenissen bevatten `nd`
- de vaan van de opstand planten (=`n opstand verwekken)
- in de as leggen (=(doen) afbranden)
- de eindjes (niet) aan elkaar knopen (=(niet) rond komen (met z`n inkomen))
- naar iemands pijpen dansen (=(onderdanig) alles doen wat iemand vraagt)
- op de vingers kijken (=(Op een vervelende manier) scherp toezien hoe iemand iets doet, zodat elke fout direct opgemerkt wordt)
- het zwaard aangorden (=(zich klaarmaken om) de strijd aan (te) binden)
- er is een tijd van komen en er is een tijd van gaan (=aan alles komt een einde)
- wat de heren wijzen moeten de gekken prijzen (=aan beslissingen van het hoger gezag moet men zich onderwerpen)
- aan de veren kent men de vogel (=aan het uiterlijk (verzorging/kleding) kun je zien met wat voor iemand je te maken hebt)
- bakkerskinderen eten oud brood. (=aan het vak dat men uitoefent, besteedt men in zijn directe omgeving weinig aandacht.)
- niet in iemands schaduw kunnen staan (=aan iemand absoluut niet kunnen tippen)
- je hart uitstorten (=aan iemand alles (in vertrouwen) vertellen)
- fiolen van toorn over iemand uitstorten (=aan iemand duidelijk laten blijken dat je kwaad op diegene bent)
- bij iemand in het krijt staan (=aan iemand iets schuldig zijn)
- iemands maat niet kunnen halen (=aan iemand niet kunnen tippen)
- bij iemand nog wel kunnen schoolgaan (=aan iemand nog een voorbeeld kunnen nemen)
- plat op de buik gaan (=aan iemand toegeven, zich overleveren)
- in zijn eigen vet gaar koken (=aan zijn lot overlaten (iemand die iets misdaan heeft))
- op de grote trom slaan (=aandacht proberen te krijgen voor diens zaak)
- het oor scherpen/spitsen (=aandachtig luisteren)
- aan iemands lippen hangen (=aandachtig luisteren)
- aan de voeten van Gamaliël zitten (=aandachtig luisteren naar de les die een wijs persoon meegeeft)
- kinderen die zwijgen zullen ook nooit wat krijgen (=aanvulling op `Kinderen die vragen worden overgeslagen.`)
- iemand het hof maken (=aardig tegen iemand doen in de hoop aardig gevonden te worden)
- op een letter doodblijven (=absoluut niets veranderd willen zien)
- het achter de ellebogen hebben (=achterbaks; zonder zijn zelfzuchtige bedoelingen te laten zien)
- je leven in de waagschaal stellen (=actie ondernemen waarbij het eigen leven in gevaar kwam)
- verandering van weide doet de koeien goed. (=afwisseling en verandering positieve effecten kunnen hebben)
- al etende krijgt men trek / honger. (=al etende krijgt men steeds meer trek (ook figuurlijk).)
- voor heter vuren gestaan hebben (=al groter problemen gekend hebben)
- al te wit is gauw vuil. (=al te grote liefde is niet bestendig)
- geen klaviertje over slaan (=alle bijzonderheden in acht nemen)
- het tafellaken doorsnijden (=alle bindingen met iemand verbreken)
- alle heilige huisjes aandoen (=alle cafés onderweg bezoeken)
- bij elk heilig huisje aanleggen (=alle cafés onderweg bezoeken)
- aan alle kapelletjes aanleggen (=alle cafés onderweg bezoeken)
- het gelag betalen (=alle kosten moeten betalen terwijl ook anderen er schuld aan hebben)
- alles op haren en snaren zetten (=alle middelen aanwenden / alles in het werk stellen)
- de bastaard van de graaf wordt later bisschop (=alleen hoge heren kunnen hun buitenechtelijke kinderen een toekomst bieden)
- iemand over de hekel halen (=allerlei slechte dingen vertellen over iemand)
- de wereld op zijn duim kunnen draaien (=alles doen wat iemand wil)
- botertje aan de boom zijn / het is botertje tot de boom (=alles gaat goed zonder problemen)
- er is niets nieuws onder de zon (=alles is al eerder vertoond)
- boven water zijn (=alles is bekend geworden of is teruggevonden)
- de kust is veilig (=alles is in orde - er is niemand in de buurt)
- zo vrij als een vogeltje in de lucht (=alles kunnen doen en laten wat iemand wil)
- iemand tot op zijn hemd uitkleden (=alles van iemand afnemen, een te hoge prijs laten betalen)
- iemand om zijn vinger (kunnen) winden (=alles van iemand gedaan (kunnen) krijgen of alles mogen)
- landen verzanden, zanden verlanden. (=alles verandert)
- aan alle dingen komt een eind. (=alles verandert)
2 dialectgezegden bevatten `nd`
- ' n kirrel uut duuz' nd (=een geweldige kerel) (Westerkwartiers)
- hij is altied ' t lied' nd veurwaarp (=ze moeten hem altijd hebben) (Westerkwartiers)
Bronnen
De spreekwoorden en gezegden zijn afkomstig van Wikiquote, Wikipedia en onze gebruikers.
Op woorden.org is de uitleg ingekort en is herkomst van spreekwoorden en gezegden weggelaten.
Zie ook:
- vaartips.nl Ruim 300 woorden, zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- debinnenvaart.nl Nog eens honderden zegswijzen en uitdrukkingen met een maritieme achtergrond
- Het boek `De Latynsche spreekwyzen` uit 1755 met oud-Nederlandse vertalingen