• uit de kluiten gewassen zijn (=erg stevig en groot zijn) • tegen de dood is geen kruid gewassen. (=doodgaan is onvermijdelijk) • plak en gard ontwassen zijn (=ook zonder begeleiding wel kunnen leven) • je handen in onschuld wassen (=doen alsof men geen schuld heeft) • iemand de oren wassen (=iemand zeggen wat die fout gedaan heeft) Toon alle 13 spreekwoorden die wasse bevatten