het paspoort

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [ˈpɑsport]
Verbuigingen:  paspoort|en (meerv.)

door de overheid afgegeven document met je foto, je naam en geboortedatum als bewijs van je staatsburgerschap
Voorbeeld:  `paspoortcontrole bij de douane`
Synoniem:  pas (2)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
identiteitsbewijs legitimatiebewijs papieren pas

14 definities op Encyclo
  1. document ter identificatie van personen of goederen. In verband met verordeningen, belastingen, tolheffingen, e.d. diende men, wanneer men zekere binnenlandse grenzen pas...
  2. boekje waar in staat wie je bent, wat je nodig hebt om te reizen vb: als je geen paspoort hebt, mag je dat land niet binnen
  3. Let op: Spelling van 1858 passeport, Fr., verlofbrief, vrijgeleide, pas. Zie Pas
  4. zie dierenpaspoort.
  5. •officieel document dat de houder identificeren
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met paspoort:
paspoorten

Herkomst volgens etymologiebank.nl
paspoort (reisdocument)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `paspoort` kennen.