de zit

zelfst.naamw. (m.)
Uitspraak:  [zɪt]

een lange/hele zit  (keer dat je voor je gevoel ergens lang moet blijven zitten) `De saaie musical is een hele zit.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
comfort duur ruiter

Spreekwoorden en zegswijzen
• zo zit de vork in de steel (=zo zit dat!)
• zijn hoed zit altijd op zijn hoofd. (=hij groet nooit iemand.)
• wie in het schuitje zit moet meevaren. (=wie ergens mee begonnen is moet dit ook afmaken)
• weten hoe de vork in de steel zit (=precies weten wat er gebeurd is)
• wat in een (goed) vat zit verzuurt niet. (=wat je bewaart houd je nog tegoed voor een andere keer.)
Toon alle 30 spreekwoorden die zit bevatten

8 definities op Encyclo
  1. Onopzettelijk gemaakte data
  2. Zone Information Table
  3. in de zit schieten; zie kuit
  4. [Mil. Woordenboek, spelling van 1861 ``Zit``] Behoorlijke houding van den ruiter
  5. •de daad van het (langdurig) zitten. •enkelvoud tegenwoordige tijd van zitten. •gebiedende wijs enkelvoud van zitten. •pukkel, acne •tegengesteld, tegenovergest...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met zit:
zit aanzit achternazit bijeenzit doorzit dwarszit gevangenzit inzit meezit mooizit nazit neerzit omhoogzit opzit stilzit tegenzit uitzit vastzit voorzit-slaapkamerzitbad
Toon alle woorden die beginnen met zit

Deze woorden eindigen op zit:
autobezitbalbezitbezitdrugsbezitbijzitverzit
Toon alle woorden die eindigen op zit

Herkomst volgens etymologiebank.nl
zit

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `zit` kennen.