zijd
Spreekwoorden en zegswijzen
• wijd en
zijd zijn
(=bij iedereen bekend zijn)• wijd en
zijd bekend zijn
(=overal bekend zijn)• aan een
zijden draadje hangen
(=de kansen zijn nog niet verkeken, maar het scheelt erg weinig)Naar de spreekwoordenIntensiveringen
Hoe kun je met zijd een ander begrip versterken?wijd en zijd bekend;
2 definities op Encyclo
- [Vergeten woorden] (bn.) 1) uitgestrekt, groot 2) wijd, breed: wijd en zijd overal 3) lang 4) diep, laag [= Noors sid, IJslands síður, ~ sedert, sinds, zein, zenen, zijde]
- bepaald visnet. Waarschijnlijk een zijdenet. Zie ook botzijd. De term komt in een lezing van A.F.L. van Holk over de visserij met waterschepen voor. Men kent ondermeer een botzijd.
Toon uitgebreidere definitiesDeze woorden beginnen met zijd:
•
zijde•
zijde-industrie•
zijdeaapje•
zijdecocon•
zijdecolleté•
zijdecultuur•
zijdefabriek•
zijdeglans•
zijdegrijs•
zijdelings•
zijden•
zijdens•
zijdepapier•
zijderoute•
zijderups•
zijdespinnerij•
zijdeteelt•
zijdeur•
zijdewende•
zijdewever•
Toon alle woorden die beginnen met zijdHerkomst volgens etymologiebank.nl
zijd in de uitdrukking wijd en zijdVraag & Antwoord voor je slimme speaker
Hoe spel je zijd?
zijd spel je Z I J D Op andere websites
Zoek zijd in het
Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek zijd op
Google
Zoek zijd op
Woordenlijst.org
Zoek zijd in de woordenboeken van het
Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek zijd op
Wikipedia