• zelfs de beste breister laat wel eens een steekje vallen (=ook al kan iemand iets heel goed, hij of zij zal ook wel eens een fout maken; dat is vergeeflijk) • zelfkennis is het begin van alle wijsheid (=men moet eerst zichzelf kennen om verdere kennis te kunnen verwerven) • wie zijn naasten te schande maakt, onteert zichzelf (=een klein foutje, kan een groot geheel te schande maken) • wie zichzelf bewaart, bewaart geen rotte appel (=je moet voorzichtig omgaan met jezelf, want het is niet vervangbaar) • wie een kuil graaft voor een ander valt er zelf in (=wie een ander iets wil misdoen, kan er zelf het slachtoffer van worden) Toon alle 58 spreekwoorden die zel bevatten
3 definities op Encyclo
(Eng: z-element: zel) De waarde van de diepte (van een beeld) zoals deze in de Z-buffer wordt opgeslagen.
1> plaats waar het anker zich ingegraven heeft. Ook zelling genoemd. 2> ZEL-AS : as van zouthoudend veen dat na de zoutwinning overblijft. Het werd gebruikt als grondverbeteraar en in de glasindustrie. Ook bekend als zelk-as en zelke . Zie verder aldaar .
Zel is een Turkse meisjesnaam. Het betekent `Bel`.