de weghelft

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  ['wɛxhɛlft]
Verbuigingen:  weghelft|en (meerv.)

elk van de twee delen van een weg waarop in tegenovergestelde richtingen wordt gereden
Voorbeelden:  `Beginnen te slippen en op de andere weghelft terechtkomen.`,
`Blijf op de rechter weghelft en haal niet in.`

© Kernerman Dictionaries.

1 definitie op Encyclo
  1. 1) Deel van een autobaan 2) Rijstrook
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 99% van de Nederlanders en 79% van de Vlamingen het woord `weghelft`.