weel

zelfst.naamw.
Verbuigingen:  welen (meerv.)

type oppervlaktewater, ontstaan door afgraving of dijkdoorbraak geografie
Voorbeeld:  `Voorbeeld van een weel is Het Panneweel in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen, ontstaan na een dijkdoorbraak in 1627.`
Synoniemen:  wiel, waai, waai, kolk, poel, , ,


4 definities op Encyclo
  1. Zeeuwse naam voor een wiel, zie aldaar
  2. 1) Deel van een schip 2) Dik touw met dunnere zijlijnen 3) Plas 4) Visgerei 5) Vistouw 6) Waal 7) Waterkolk
  3. Woord uit de oude stadsrekeningen van Doesburg; (achterdijks) wiel
  4. met een anker uitgezet, zwaar touw, met daaraan zijlijnen waaraan aalkorven of -kubben bevestigd zijn. De term treintje schijnt rond het Hollands diep gebruikelijk te zij...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met weel:
weeldeweelderigweelderigheid

Deze woorden eindigen op weel:
fluweeljuweelkweelkroonjuweelstruweelpikhouweel

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. weel (een vistuig)
  2. weel (kolk)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 33% van de Nederlanders en 29% van de Vlamingen het woord `weel`.