het fluweel

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [flyˈwel]

glanzende, dikke, geweven stof met haartjes die rechtop staan
Voorbeeld:  `een bank met een bekleding van fluweel`
Synoniem:  velours

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
chiffon velours

Spreekwoorden en zegswijzen
• op fluweel zitten (=het erg goed en gemakkelijk hebben)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je met fluweel een ander begrip versterken?
fluweelzacht;

7 definities op Encyclo
  1. • [kleding] een zachte, fijnegeweven stof, waarbij rechtopstaande pluizen, de zg. pool van zijde of katoen met de kettingdraden zijn meegeweven en zijn afgesneden.
  2. zachte glanzende stof vb: ze droeg een jurk van fluweel
  3. Verzamelnaam voor weefsels waarvan het oppervlak bedekt is door korte, recht opstaande garenuiteinden, die pool of floers heten. De pool is geschoren en geeft daardoor ee...
  4. Let op: Spelling (deels) uit 1864: o. [oudtijds] ) fulp; fijn geschoren stof (van zijde of katoen). ~ACHTIG, [bijvoegelijk naamwoord] als fluweel; (ook) zacht op het gevo...
  5. 1) Bepaald weefsel 2) Chiffon 3) Corduroy 4) Floer 5) Floers 6) Fulp 7) Geschoren weefsel 8) Glanzend weefsel 9) Glanzende poolstof 10) Japonstof 11) Paalzaad 12) Paan 13...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met fluweel:
fluweelboomfluweelpootjefluweeltangarefluweelzacht

Herkomst volgens etymologiebank.nl
fluweel (zachte stof)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `fluweel`.