vriezen

werkw.
Uitspraak:  ['vrizə(n)]
Vervoegingen:  vroor (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft gevroren (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

kouder dan nul graden zijn, waardoor water ijs wordt
Voorbeelden:  `Het heeft gevroren vannacht.`,
`bevriezen`
Het kan vriezen of/en dooien.  (<dit zeg je over iets waarvan je helemaal niet weet hoe het zal gaan>)

© Kernerman Dictionaries.

Spreekwoorden en zegswijzen
• het kan vriezen en het kan dooien. (=het kan alle kanten uit gaan)
Naar de spreekwoorden

Intensiveringen
Hoe kun je vriezen krachtiger uitdrukken?
het vriest dat het kraakt; het vriest een steen dik
Uitdrukkingen die vriezen betekenen (waarin het woord zelf niet voorkomt):
de bloemen staan op de ruiten/ramen;

7 definities op Encyclo
  1. vroeger: het tot ijs stollen van water. Mogelijk afkomstig van `ver iesen`. Het ging dus bij deze term niet om de temperatuur, daar hadden de meesten vroeger immers geen ...
  2. de temperatuur is lager dan nul graden vb: het heeft vannacht 10 graden gevroren het vriest dat het kraakt [het vriest heel hard]
  3. Let op: Spelling (deels) uit 1864: [onpersoonlijk werkwoord] [onregelmatig] (het vroor, heeft gevroren of gevrozen), ijzelen; digtgaan (van het water) door de vorst, tot ...
  4. • [onpr] [meteorologie] het heersen van een temperatuur waarbij water kristalliseert tot ijs.
  5. 1) Ijs vormen 2) Natuurverschijnsel 3) Winteren 4) Winterverschijnsel
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met vriezen:
vriezend

Deze woorden eindigen op vriezen:
bevriezendichtvriezeninvriezenvastvriezendiepvriezen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
vriezen (minder dan 0 graden Celsius zijn)

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `vriezen` kennen.