versieren

werkw.
Uitspraak:  [vərˈsirə(n)]
Vervoegingen:  versierde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft versierd (volt.deelw.)

1) mooi of feestelijk maken door bijv. bloemen, slingers of ballonnen
Voorbeelden:  `de stoel van de jarige versieren`,
`de jurk versieren met een grote strik`
Synoniem:  decoreren

2) verleiden tot seksueel contact
Voorbeeld:  `Die knul versiert het ene meisje na het andere.`

3) onofficieel iets regelen
Voorbeeld:  `Kun jij niet versieren dat ik zonder kaartje naar binnen kan?`
Synoniem:  ritselen

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aankleden afwerken decoreren garneren opluisteren opmaken opsieren opsmukken optuigen organiseren ornamenteren ritselen schotels garneren tooien versieringen aanbrengen

8 definities op Encyclo
  1. tooien Jaar van herkomst: 1285 (CG Rijmb. )
  2. verzinnen.
  3. ervoor zorgen dat het er komt vb: hij heeft weer een paar vrije dagen versierd Synoniem: ritselen hem zover krijgen dat hij wil vrijen vb: zij heeft haar baas versierd er...
  4. •iets meer aantrekkelijk of mooier maken. •langs (veelal officieuze) weg regelen. •verleiden.
  5. 1) Aankleden 2) Afwerken 3) Bewerken 4) Decoreren 5) Dossen 6) Enlumineren 7) Figureren 8) Garneren 9) Garnieren 10) Het hof maken 11) Lonken 12) Mooi aankleden 13) Mooi ...
Toon uitgebreidere definities

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. versieren (tooien)
  2. versieren (verzinnen)


Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `versieren` kennen.