de vaat

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [vat]

vuil servies, bestek, pannen enz.
Voorbeeld:  `Ik heb gekookt, was jij de vaat af?`
Synoniem:  afwas

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
aardewerk afwas

Spreekwoorden en zegswijzen
vaatje zuur bier (=een oude vrijster)
• uit een ander vaatje tappen (=het anders aanpakken)
• het vaatje op zijn kant zetten (=het vat leegmaken (uitdrinken))
• een vaatje zuur bier (=een oude vrijster)
Naar de spreekwoorden

4 definities op Encyclo
  1. borden e.d. die afgewassen moeten worden Jaar van herkomst: 1914 (WNT )
  2. alle vuile spullen die bij het koken zijn gebruikt vb: wie doet de vaat vandaag? Synoniem: afwas
  3. •gedurende de maaltijd gebruikt eetgerei.
  4. 1) Aardewerk 2) Af te wassen eetgerei 3) Afwas 4) De afwas 5) De gezamenlijke afwas 6) Serviesgoed 7) Totaal aan serviesgoed 8) Vies servies
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met vaat:
vaatbundelvaatbundelsvaatchirurgievaatdoekvaatkrampvaattevaattenvaatvernauwingvaatverwijdingvaatwasvaatwasmachinevaatwasmachinesvaatwasmiddelvaatwassenvaatwasservaatwassersvaatwerkvaatziekte

Deze woorden eindigen op vaat:
derivaatgevaatprivaatreservaatnatuurreservaatzeereservaat

Herkomst volgens etymologiebank.nl
vaat (eetgerei dat afgewassen moet worden)

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 98% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `vaat`.