uitstralen

werkw.
Uitspraak:  ['œytstralə(n)]
Vervoegingen:  straalde uit (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft uitgestraald (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

bij anderen aan gevoel oproepen
Voorbeelden:  `zelfvertrouwen uitstralen`,
`Hij straalt een rustig soort enthousiasme uit.`,
`Als voorzitter heeft ze altijd een vanzelfsprekend gezag uitgestraald.`

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
afstralen rondstralen uitzenden zenden

2 definities op Encyclo
  1. een bepaalde indruk achterlaten bij andere mensen vb: juf Sanne straalt een enorme rust uit
  2. 1) Afstralen 2) Emitteren 3) Gloeien 4) Rondstralen 5) Stralen 6) Uitschijnen 7) Uitzenden 8) Zenden
Toon uitgebreidere definities

Hoe bekend is het woord?
Uit onderzoek van het Centrum voor Leesonderzoek blijkt dat alle Nederlanders en Vlamingen het woord `uitstralen` kennen.