tuinbroek

zelfst.naamw. (de)
Verbuigingen:  tuinbroeken
Verbuigingen:  tuinbroekje

een mouwloze overal met gespen
Voorbeeld:  `Een tuinbroek werd in de jaren 1970 veel gedragen door geëmancipeerde vrouwen.`


Bron: WikiWoordenboek.

5 definities op Encyclo
  1. •mouwloze overal met gespen.
  2. 1) Broek met schouderband 2) Kledingstuk 3) Kledingstuk voor boven- en onderlichaam 4) Kledingstuk voor het onderlichaam 5) Salopette
  3. broek met een voorschoot en bretels die als werkkleding bij het tuinieren, maar ook als gewone kleding wordt gedragen
  4. Een tuinbroek of salopette is een broek die is gemaakt om voornamelijk in de tuin te werken. Meestal worden deze vervaardigd in denim omwille van de duurzaamheid en het ...
  5. broek met aan de voorkant een vierkant stuk over de borst vb: zij droeg een wijde tuinbroek
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met tuinbroek:
tuinbroeken

Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 93% van de Vlamingen het woord `tuinbroek`.