de trui

zelfst.naamw. (m./v.)
Uitspraak:  [trœy]
Verbuigingen:  trui|en (meerv.)

gesloten kledingstuk van gebreide of andere soepele stof dat je over je bovenlijf draagt, meestal met mouwen
Voorbeeld:  `een trui met een col`
de gele trui  (trui die de wielrenner draagt die bovenaan staat bij bijvoorbeeld de Tour de France)

© Kernerman Dictionaries.

Synoniemen
jumper

7 definities op Encyclo
  1. •een warm kledingstuk voor over het bovenlichaam.
  2. 1) Bovenkledij 2) Bovenkleding 3) Bovenkleren 4) Debardeur 5) Dier 6) Gebreid kledingstuk 7) Herenkledij 8) Herenkleding 9) Herenkleren 10) Jumper 11) Kledijsstuk 12) Kle...
  3. kledingstuk dat het bovenlichaam bedekt, meestal van wol gebreid maar ook wel gemaakt van katoen of een synthetische stof, en doorgaans met lange mouwen
  4. [kleding] - Een trui is een gebreid kledingstuk voor het bovenlichaam, zonder voorsluiting, dat over het hoofd wordt aangetrokken. Meestal wordt er een hemd, T-shirt, ov...
  5. [wielrennen] - Een trui in de wielersport is een kledingstuk dat vaak wordt uitgereikt aan de leider in een bepaald klassement van een meerdaagse wedstrijd. Bij eendaags...
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden beginnen met trui:
truien

Deze woorden eindigen op trui:
coltruipuntentruiregenboogtruicapuchontruibolletjestrui

Herkomst volgens etymologiebank.nl
  1. trui (kledingstuk)
  2. trui (zeug, lichtekooi)


Hoe bekend is het woord?
Volgens het Centrum voor Leesonderzoek kent 100% van de Nederlanders en 99% van de Vlamingen het woord `trui`.