trappelen

werkw.
Uitspraak:  [ˈtrɑpələ(n)]
Vervoegingen:  trappelde (verl.tijd enkelv.)
Vervoegingen:  heeft getrappeld (volt.deelw.) Toon alle vervoegingen

je benen telkens op en neer bewegen door ze te buigen en te strekken
Voorbeeld:  `trappelen van de kou`
trappelen van ongeduld  ()
Ik sta te trappelen om te beginnen.  (ik heb zin om te beginnen)


Synoniemen
stampen   

Intensiveringen
Hoe kun je met trappelen een ander begrip versterken?
trappelen van ongeduld;

2 definities op Encyclo
  • 1) Denderen 2) Trampelen 3) Stampen 4) Stampvoeten 5) Herhaald trappen 6) Drentelen 7) Schoppen
  • de voeten snel beurtelings optillen Jaar van herkomst: 1535 (WNT )
Toon uitgebreidere definities

Deze woorden eindigen op trappelen:
watertrappelen

Herkomst volgens etymologiebank.nl
trappelen (de voeten snel beurtelings optillen)

Taaladvies
(een) Is ter plaatse trappelen correct? Zie Ter plaatse trappelen /

Vraag & Antwoord voor je slimme speaker
Wat is de verleden tijd van trappelen?
De verleden tijd van trappelen is 'trappelde'. Het voltooid deelwoord is 'heeft getrappeld'.
Wat betekent trappelen?
'je benen telkens op en neer bewegen door ze te buigen en te strekken'
Hoe spel je trappelen?
trappelen spel je T R A P P E L E N
Wat is een ander woord voor trappelen?
Een ander woord trappelen is stampen.

Op andere websites
Zoek trappelen in het Algemeen Nederlands Woordenboek
Zoek trappelen op Google
Zoek trappelen op Woordenlijst.org
Zoek trappelen in de woordenboeken van het Instituut voor de Nederlandse Taal
Zoek trappelen op Wikipedia