• zo dronken als een kartouw (=stomdronken) • zo dom als touw (=onnozelheid of domheid (als in: `Je bent ook zo dom als touw hè?!`)) • vloeken als een bootwerker/kartouw/ketellapper/ketter (=onbeheerst vloeken) • op het sleeptouw houden (=aan het lijntje houden) • in touw zijn (=met iets druk bezig zijn) Toon alle 23 spreekwoorden die tou bevatten